![]() | ![]() |
![]() |
| Symboliek in het verhaal van Jezus
Mag ik uw aandacht vragen voor één feit? De moeilijkheden
die zich bij het interpreteren van de geschiedenis van Jezus, zijn incarnatie,
zijn leven en zijn dood voordoen, kwamen voort uit het feit dat zogenaamde
exegeten proberen onnatuurlijke en onmogelijke dingen uit te leggen. Het
moderne kritische onderzoek heeft dit natuurlijk duidelijk aangetoond;
maar veel mensen die innerlijk aan hun geloof zijn gehecht, vinden het
moeilijk de uitspraken van het moderne kritische onderzoek te aanvaarden
en verheugen zich er altijd over als deze moderne kritische onderzoekers
ongelijk blijken of bleken te hebben.
Feitelijk is de hele geschiedenis van Jezus, later de
Christos genoemd, zoals ze in het Nieuwe Testament wordt geschetst, een
mysterieverhaal; een reeks mystieke legenden, gevlochten rond het leven
van een man die werkelijk heeft geleefd – een groot en edel mens, een
echte wijze en ziener, in feite een avatâra; deze mystieke legenden kwamen
echter in geen enkel opzicht overeen met de werkelijke gebeurtenissen
in het stoffelijke bestaan van deze wijze. U zult, hoop ik, begrijpen
dat dit mysterieverhaal in dramatische vorm bepaalde belangrijke gebeurtenissen
weergeeft, die plaatsvonden in inwijdingskamers of crypten en dat de in
het mysterie-verhaal opgenomen gelijkenissen ook duidelijk, hoewel beknopt,
verwezen naar bepaalde grondleringen die op zulke momenten aan de neofieten
werden gegeven.
Zoals in het geval van individuele personen de inwijdingscyclus
eenvoudig het grootse gebeuren van het kosmische bestaan nabootste, zo
geeft ook het Nieuwe Testament in zijn symbolische allegorie en beeldspraak
een beschrijving van de belichaming van de kosmische geest in het stoffelijke
bestaan en is daarnaast een gesluierd, geheim verhaal uit de inwijdingscrypte.
Ik wil u wijzen op één feit uit de mysteriën om dit punt
te illustreren. In de tekst van het verhaal over Jezus wordt vermeld dat
hij op een ezel en het veulen van een ezel naar Jeruzalem kwam en er binnenreed;
daarna begon zijn levenswerk in het aardse Jeruzalem – het stoffelijk
bestaan dat, volgens de legende, leidde tot zijn arrestatie, zijn verhoor
ten overstaan van de Romeinse procurator Pontius Pilatus, en zijn dood.
Ik kan u zeggen dat in de mystieke cyclus van het Nabije
Oosten, dat nu Klein-Azië heet, de planeet Saturnus in mystieke taal vaak
een ‘ezel’ werd genoemd, of liever, de ezel stelde in de mystieke symboliek
die planeet voor. En het ‘veulen van de ezel’ was in dezelfde mystieke
symboliek deze aarde, want de zieners uit de oudheid zeiden dat deze stoffelijke
aardbol onder de rechtstreekse vormende invloed stond van de planeet Saturnus.
Als u verder bedenkt dat de cyclische omzwervingen van
de monade in het zonnestelsel strikt wetmatig en ordelijk plaatsvinden
en langs routes die van de ene planeet naar de andere lopen; en als u
ook bedenkt dat het aardse Jeruzalem volgens de joodse symboliek deze
aarde was, zoals het hemelse Jeruzalem volgens de christelijke symboliek
het bestaan was in geestelijke sferen en het doel dat de mens door evolutie
moet bereiken, dan krijgt u misschien een helderder idee van wat ik u
in het kort en gedeeltelijk probeer te vertellen.
De geestelijke ziel rijdt ‘Jeruzalem’ binnen – het stoffelijke
bestaan – op een ezel, dat is Saturnus, en het veulen van een ezel, onze
aarde; de monade, de christusgeest, die op die manier in de stof neerdaalt,
wordt op het kruis van de stof gekruisigd – dat wil zeggen wordt verraden
en gekruisigd, volgens de platonische beeldspraak van de Ouden.
Ik laat het aan u over wat u met deze buitengewoon mystieke
gedachte doet; want als uw geest wakker is en u heeft geprofiteerd van
de aanwijzingen die u zijn gegeven, dan zal deze gedachte voor u een voorbeeld
zijn van de ingewikkelde manier waarop tenminste een deel van de christelijke
geschriften zijn geschreven. Waarvoor u altijd moet waken is om ook maar
één enkele regel van deze christelijke geschriften te lezen alsof die
een concrete historische gebeurtenis weergeeft. Elk thema of denkbeeld
in de christelijke geschriften is allegorisch, en verwijst rechtstreeks
naar de inwijdingscyclus en naar enkele leringen die tijdens de inwijdingsceremoniën
werden gegeven.
Jezus heeft geleefd. Welke naam hij ook had, de als Jezus
bekende persoon was een echt mens, een grote wijze. Hij bestond inderdaad
en bovendien was hij een avatâra. Hij stierf, of liever verdween, en rond
zijn persoonlijke individualiteit of individuele persoonlijkheid werden
gebeurtenissen verzameld, gegroepeerd, bijeengebracht uit de inwijdingscyclus
van het Midden Oosten; ze werden gehuld in het kleed van de legenden die
de westerse wereld nu bezit in wat ze het Nieuwe Testament noemt. Met
andere woorden, de persoon Jezus, de avatâra, werd gebruikt als symbolische
figuur om wie inwijdingsgebeurtenissen werden geweven in mystieke en allegorische
vorm; dit literaire materiaal werd tenslotte ingekort tot wat nu de boeken
van het Nieuwe Testament wordt genoemd. Tot besluit, Jezus werd niet lichamelijk
gekruisigd en stierf ook niet een gewone lichamelijke dood.
Aspecten van de Occulte Filosofie, blz. 74-6 ©
1999 Theosophical
University Press Agency |