Theosofie verboden door Hitler

 

124. Vertaling van een fragment uit een officieel document.

De Reichsführer [Adolf Hitler] en het hoofd van de Duitse politie van het ministerie van binnenlandse zaken

   Op grond van artikel 1 van het besluit van de Rijkspresident voor de bescherming van volk en staat van 28/2/33 (Staatsblad I pag. 83) ontbind ik de volgende met naam genoemde organisaties, vergelijkbaar met vrijmetselaarsloges, voor zover deze niet voor 17 augustus 1935 zichzelf vrijwillig hebben ontbonden. [negen theosofische societies genoemd] . . .
   De voortzetting en stichting daarvan, zowel als de stichting van mantelorganisaties is, op grond van beschikking 4 ter aangehaalde plaatse verboden.
   Tegelijk bevestig ik, op grond van de wet van 7 juli 1933 (Staatsblad I pag. 479), inzake het in beslag nemen van bezittingen van mensen die de staat vijandig zijn, dat de bezittingen van bovengenoemde organisaties werden gebruikt of bestemd voor doelen die vijandig zijn jegens de staat.
Getekend
namens Heydrich:
(handtekening)
ambtenaar van de Kanselarij

   Welke theosofische leer wekte zozeer de woede van Hitler, dat theosofen tot de eersten behoorden om naar concentratiekampen te worden gestuurd? Het eerste doel van de theosofische beweging, namelijk het vormen van een kern van universele broederschap die vanzelfsprekend alle mensen omvatte, was een verontrustende gedachte voor een tiran die van plan was te heersen door rassen en groepen te elimineren door middel van genocide. In De Geheime Leer staat één zin (2:300) die de nazi-mentaliteit in vuur en vlam zou zetten: ‘terwijl de Ariërs en hun Semitische tak tot het vijfde [ras] behoren.’ In de theosofie omvat het vijfde ras (maar is niet beperkt tot) alles wat de wetenschap bedoelt met de Indo-Europese volkeren, en in HPB’s tijd werd voor deze groepen de naam ‘arisch’ gekozen – een mooie term die nu weerzin oproept door misbruik door de nazi’s. Volgens filologen stamt het woord af van arya, dat ‘edel’ betekent of ‘de edelen’ (Encylopaedia Britannica, 1891, 2:672).
   Arisch komt van Sanskriet ārya of arya, het Zend airya. In later Sanskriet betekent arya ‘van goede familie’ en wordt het gebruikt als een beleefde aanspreektitel. Oorspronkelijk werd het echter gebruikt als een naam van een natie en zelfs in de tijd van de wetten van Manu, werd India nog steeds Aryavarta genoemd, d.w.z. het verblijf van de Arïers.
   Boeddha zelf gebruikt in zijn beroemde ‘vier edele waarheden’ en het ‘edele achtvoudige pad’, het woord arya in zijn hoge betekenis van ‘edel.’ In A Popular Dictionary of Buddhism van Christmas Humphrey lezen we:
Arisch: Van arya (Sk.) wat edel betekent. In Pali, ariya, bijv. het arya of edele achtvoudige pad, of de vier arya of edele waarheden. Gebaseerd op het Arische ras werd het woord door Boeddha gebruikt als een ras waardig, dat zich edel gedraagt.’
   Twee leraressen, Mary Linné* en Emmi Härter, werden in Duitsland gevangen gezet, omdat in hun huis theosofische literatuur werd gevonden – die allemaal werd verbrand, waaronder hun eigen vertaling van De Geheime Leer. Dat was ook het lot van de brieven van de Meesters aan Dr. Hübbe-Schleiden. Zie ‘Historical Introduction to The Secret Doctrine’, 1:[16] van De Zirkoff.

 

* Brief van Mary Linné, 28 juni 1981 aan Anita Atkins.

 


Het bijzondere leven en de invloed van Helena Blavatsky: blz. 577-8 (eindnoot deel 6, nr.:124)

© 1995 Theosophical University Press Agency
Daal en Bergselaan 68, 2565 AG Den Haag