Als wit licht door een prisma valt, vindt er een scheiding plaats tussen
afzonderlijke frequenties en worden de kleuren zichtbaar die in een
enkele straal waren besloten. Bij het bekijken van zo’n regenboog-effect,
lijkt het of de kleuren in lagen of banden zijn gerangschikt en, hoewel
gescheiden en verschillend van elkaar, toch in elkaar overgaan. Het
is interessant dat deze samenstellende frequenties zich als afzonderlijke
banden tonen, hoewel daar geen reden voor schijnt te zijn. Wat we in
feite waarnemen is een segment van het elektromagnetische spectrum,
waarvan elk deel, hoe klein ook, kan worden gezien als een eindeloze
reeks van zeer kleine schakeringen, die op hun beurt uit nog kleinere
zijn samengesteld, enz. Toch zien onze ogen een duidelijke overgang
van de ene gekleurde straal in de volgende, waardoor het spectrum uiteenvalt
in zeven schijnbaar gescheiden banden. Een toonladder is ook een voorbeeld
van het willekeurig aanbrengen van verdelingen in een reeks eindeloze
schakeringen. Hoewel de toonladders in sommige culturen anders zijn
ingedeeld, schijnt ook hier de zevendelige toonschaal de overhand te
hebben. Maar het hoorbare spectrum is veel breder dan het spectrum van
het zichtbare licht, want het omvat vele reeksen van zeven tonen, terwijl
onze ogen er maar één zien.
Van oudsher heeft men in verschillende filosofische stelsels de menselijke
constitutie gezien als een samenstel van verschillende eigenschappen,
waarvan het aantal en de beschrijving sterk uiteenlopen, maar in wezen
zijn de opvattingen gelijk. In de theosofische leer wordt gewoonlijk
een aantal van zeven genoemd:
De goddelijke essentie
Het spirituele zelf
Het denkvermogen
Het begeertebeginsel
De levenskracht
Het astrale lichaam of modellichaam
Het stoffelijk lichaam
Als we die zien als een opeenstapeling, zoals een aantal op elkaar
geplaatste blokken, doen we de gedachte onrecht. In nauwe analogie met
de spectra van geluid en elektromagnetisme, zijn ook hier de indelingen
die we maken wel nuttig voor een goed begrip, maar waarschijnlijk willekeurig.
In ieder van ons bevindt zich de complete reeks eigenschappen, hoewel
we sommige meer gewicht toekennen dan andere. De meer verhevene vallen
nog buiten het bereik van ons waarnemingsvermogen, op een enkele opflikkering
na, en wachten op de tijd dat zij zullen opvlammen – evenals in
toekomstige tijden het verstandelijk beginsel van het dierenrijk zal
ontwaken.
Binnen dit spectrum van menselijke eigenschappen ligt een uitgebreid
arsenaal van scheppingsvermogens. In bijna alle vormen van kunst of
creativiteit is het mogelijk werken voort te brengen die ontstaan uit
en gericht zijn op een van deze samenstellende elementen of een combinatie
daarvan. Het begeertebeginsel is bijzonder interessant. Het is goed
noch kwaad, maar veeleer de stuwende, drijvende kracht achter onze energieën.
En als de stroom uit deze bron van creativiteit doeltreffend wordt geleid,
kan hij wonderen teweegbrengen. Hoewel het vaak gepaard gaat met inspannende
arbeid, pijn en teleurstellingen, kan het voortbrengen van een werk
uit het eigen innerlijk, het lichaam en de levenskrachten, het denkvermogen,
het hart of de geest doen trillen van verrukking, afhankelijk van de
aard van de gebruikte menselijke beginselen.
Het scheppen op elk van de gebieden van ons wezen brengt zijn eigen
soort vreugde en leed mee. Op het zuiver stoffelijke terrein is de voortplanting
stellig een voorbeeld en al delen we deze uiting van creativiteit met
onze minder ontwikkelde vrienden in het dierenrijk, het is ongetwijfeld
toch ook een wezenlijk aspect van ons eigen stadium van evolutie. De
mens komt echter tot zijn recht op het gebied van het denken, dat van
al zijn eigenschappen de meest echt menselijke is. De pijn waarmee het
functioneren op dit mentale gebied gepaard gaat, is maar al te bekend
aan de meesten van ons, die vanaf de eerste schooldagen het weerspannige
denkvermogen in alle mogelijke bochten moesten wringen om alle kennis
en methoden op te nemen, die onze cultuur tot iets onmisbaars heeft
gemaakt. Aan de andere kant wekt het bedenken en vervolgens het verwezenlijken
van een bevredigende oplossing een intellectuele vreugde en het is zeker
gerechtvaardigd de vrucht van zo’n mentaal rijpingsproces een
soort ‘poëzie van het intellect’ te noemen. Maar al
is het denken een uiterst nuttig werktuig, het is beslist niet het hoogste
in ons creatieve spectrum. Van sonnet tot symfonie hebben zich vele
soorten middelen ontwikkeld ter bevrediging van de menselijke behoefte
zijn creatieve energieën tot uitdrukking te brengen, waarbij de
hogere, bijna onmerkbaar en heel geleidelijk de lagere overvleugelen.
Want, terwijl de vreugde en de pijn die samenhangen met de voortplanting
zich hoofdzakelijk manifesteren op stoffelijke wijze, is het voor de
gefrustreerde, op zijn potlood bijtende schooljongen bij een wiskundeles
minder gemakkelijk te zeggen waar de schoen wringt. En een dichter kan,
al is hij een meester in zijn kunst, tevergeefs naar woorden in menselijke
taal zoeken om het geluk te beschrijven van een innerlijke ontdekking.
Als men dus hoger komt op de ladder van onze samenstellende beginselen,
zal men bemerken dat de beloning hoe langer hoe minder tastbaar wordt,
maar tegelijk onzegbaar rijker.
Muziek is een goed voorbeeld van een middel tot creatieve expressie,
omdat ze haar bedoeling kan overdragen zonder beelden, woorden of gebaren,
vaak zonder zichtbare symbolen van enigerlei aard. Alleen door met luchttrillingen
te werken kunnen boodschappen worden overgebracht die een breed terrein
beslaan. Bepaalde vormen van muziek werken rechtstreeks in op het lichaam;
het ritmische slagwerk bijvoorbeeld in sommige muzikale uitingen kan
bij sommige mensen lichamelijk een overeenkomstige ritmische reactie
teweegbrengen die kan oplopen tot waanzin. Andere vormen kunnen op de
zenuwen van een gevoelig mens werken als het krassen van een nagel op
een schoolbord en kunnen soms zelfs tot lichamelijke ziekte voeren.
Weer andere vormen kunnen landelijke taferelen of verheffende beelden
oproepen, die ons mogelijk in een toestand van harmonie met de omgeving
brengen. Dan zijn er muziekwerken die, als iemand er innerlijk op is
afgestemd, boven alle beelden uitgaan. Ook kunnen er werken zijn uit
een zo verheven bron van inspiratie, dat ze niet alleen te subtiel zijn
voor woorden en beelden, maar voor elk medium dat we ons op het ogenblik
kunnen voorstellen.
Wat is de hoogste vorm van creativiteit? Misschien staat deze vraag
gelijk met het vragen: ‘Wat is de hoogste kleur in het spectrum
of de hoogste toon?’ Kan het zijn dat sommigen van de groten onder
ons deel hebben gehad aan die vormen van schepping die we gemeen hebben
met de goden?