Een brief uit Sri Lanka

 

[Sommigen van onze lezers zullen zich ongetwijfeld de vertaling herinneren van het boeddhistische geschrift, de Dhammapada, die in de jaren 1970-72 in Sunrise werd afgedrukt en die in 1980 met de oorspronkelijke Palitekst in boekvorm werd gepubliceerd door de Theosophical University Press (Ned. vert. verscheen in 1985). De vertaler, dr. Pandit Harischandra Kaviratna, is kortgeleden door zijn regering onderscheiden, niet alleen voor zijn filosofische bijdragen aan de Singalese literatuur, maar ook voor zijn werk op het gebied van de Ayurvedische geneeskunst, de oude heelkunst in India en op Sri Lanka. Zie ook Sunrise, juli/augustus 1984, voor zijn artikel ‘Het Gouden Boek van Sri Lanka.’ – Red.]

Ik moet u nog de ontvangst bevestigen van uw recente brief en andere berichten, met mijn oprechte dank. Tegelijkertijd verheugt het me buitengewoon dat u de wetenschappelijke uiteenzettingen in de Encyclopaedia of Buddhism nuttig vindt. Natuurlijk hebben deze Pali-etymologen op heldere en correcte wijze uitgewijd over de Paliterminologie en daarbij blijk gegeven van werkelijk vakmanschap. Ik ben echter in het minst niet tevreden over hun definities van de mahayana-terminologie. Mahayana-termen zijn doortrokken van een esoterische betekenis, meer dan die van het Theravada van het zuidelijk boeddhisme (in de volksmond, maar onterecht, aangeduid als hinayana). Het begrip prajña bijvoorbeeld – wijsheid of allerhoogste kennis – is bij Nagarjuna niet volkomen hetzelfde als pañña of prajña van het theravada. Prajña van het noordelijk boeddhisme kan in het Pali niet worden gedefinieerd. Pali is slechts een letterkundig dialect, gemaakt om het Theravada te kunnen schrijven. Sommige grote geleerden zijn van mening dat Pali het vroegste Singalese dialect was dat veel overeenkomst vertoont met de dialecten van Behar en Noord-India tijdens het leven van Boeddha en Mahavira.

Esoterie of intuïtie waren termen die volledig onbekend waren aan de commentatoren van de Palicanon. Telkens wanneer ik Paliteksten onder ogen krijg, heb ik het gevoel dat ik aan het zoeken ben tussen de oude fossielen van grove scholastiek. Ik zou de Summa van Thomas van Aquino met minder verveling kunnen lezen dan de theravada scholastiek van Buddhaghosha en andere Theravada schrijvers – het is wel heel vreemd te zien dat zich rondom de verheven, eeuwige leringen van de verlichte Boeddha een zelfs nog duisterder scholastiek heeft gevormd. Toen de christelijke scholastici probeerden van de eenvoudige waarheden van Jezus van Nazareth een filosofie te maken, bedierven ze de goddelijke geest van het oorspronkelijke christendom. Het hedendaagse christendom is een natuurlijk product, terwijl het theravada het scholastische product is van orthodoxe Pali-taalgeleerden. Het christendom nam het Grieks-Romeinse polytheïsme in zich op en de Katholieke kerk is polytheïstischer dan zelfs de bovengenoemde polytheïstische stelsels.

Het Theravada bepleit geen enkel esoterisch systeem. Zoals u ongetwijfeld weet, veroordelen de aanhangers van het mahayana het theravada als een gedegenereerd en egocentrisch stelsel, terwijl de aanhangers van het theravada het mahayana beschouwen als een uitgroeisel van het theravada, bedoeld om de volgelingen van de Vedanta tevreden te stellen. We moeten zowel de Sanskriet als de Palicanon bestuderen om tot een juister begrip te komen van Boeddha’s oorspronkelijke ideeën. Het boeddhisme is, als het op de juiste wijze wordt begrepen, een praktisch ethisch-filosofisch stelsel, dat een directe en stralende weg wijst naar de bevrijding uit de cyclische omzwervingen van samsara (de cyclus van geboorte en dood). Boeddha was zonder twijfel de grootste denker die ooit werd geboren.

U vraagt naar Harivamsa in verband met het Mahabharata: als ik begin te schrijven over Mahabharata en Harivamsa komen er plezierige herinneringen bij me boven uit mijn jongensjaren, toen mijn vader probeerde me het klassiek Sanskriet te leren door middel van de verhalen uit deze werken van Vyasa. Het Mahabharata is een groot handboek van de Sanskriet epische dichtkunst dat alle bijzonderheden verschaft over de politieke, religieuze, economische, morele, ethische, artistieke, esthetische, mystieke, erotische en spirituele aspecten van het leven van de arya’s in het oude India.

De meest volmaakte Sanskrietversie van het Mahabharata, met het gedeeltelijke commentaar van Nilakanta werd in Madras gedrukt in het begin van onze eeuw. Harivamsa is een supplement van het Grote Heldendicht. Sommigen, waaronder ikzelf, betogen dat Harivamsa een apart heldendicht is, grotendeels bedoeld om de heldendaden en de ridderlijkheid van Vishnu, of Hari, te bejubelen. De Calcutta- noch de Bombayversie van het Mahabharata, gepubliceerd in 1860 en 1850, bevat het Harivamsa. De uitgave van Madras heeft het echter wel als een Khila of aanhangsel. Het is een zeer rijke bron van legenden over goden, halfgoden, koningen en wijzen. De meesten van onze toneelschrijvers, zoals Kalidasa, Bhartihari en Bhavabhuti ontleenden hun intriges aan Harivamsa, die drie parvans of secties bevat. Hariparvan beschrijft de stamboom van Hari, terwijl Vishnu-parvan de heldendaden en avonturen van Krishna (de Zwarte) weergeeft. De laatste parvan beschrijft verschillende legenden over wijzen, goden en vergoddelijkte helden.

Laat me deze nogal haastig geschreven brief besluiten met de slotverzen uit het Mahabharata:

‘Wat men vindt in dit Grote Epos over dharma (waarheid), artha (spirituele rijkdom), kama (verlangen, aspiratie) en moksa (bevrijding) kan men ook elders vinden; wat men hierin niet vindt, kan nergens worden gevonden.’

‘Waar dit grote Bharata heldendicht, jaya (overwinning) genaamd wordt gelezen, daar zijn voorspoed, roem en wijsheid altijd aanwezig met vreugde.’

14 februari 1985
Harischandra Kaviratna

 

Uit het tijdschrift Sunrise jul/aug 1986

© 1986 Theosophical University Press Agency