Ons speciale nummer van 1996 valt samen met de herdenking van de honderdste
sterfdag van William Quan Judge, een van de belangrijkste medeoprichters
van de Theosophical Society in 1875. In de hele wereld brengen vrienden
en bewonderaars van zijn leven en werk, en niet het minst van zijn geschriften,
in besloten kring of op openbare bijeenkomsten, dit jaar eer aan deze
stille, bescheiden, vriendelijke, maar toch krachtige pionier van de
theosofie in Amerika.
Hoe kan men het leven samenvatten van iemand die niet als doel had
de aandacht op zichzelf te richten, maar eerder om bij zoveel mogelijk
mensen het ontwakende geestelijke vuur aan te wakkeren en hen kennis
te laten nemen van die grootse kosmische visie die H.P.B. met ons heeft
gedeeld. Judge heeft altijd veel bewonderaars gehad, daarvan zijn genoeg
getuigenissen, maar het is te vroeg om goed te kunnen vaststellen hoe
diepgaand hij het denken en de aspiraties van generaties van lezers
van zijn geschriften heeft beïnvloed. Als we terugzien op de jaren
tachtig en negentig van de vorige eeuw, zien we maar een handjevol mensen
die van karma en reïncarnatie hadden gehoord, laat staan dat ze
beseften wat een enorm verschil de kennis van deze denkbeelden voor
hen en hun gezin zou kunnen betekenen. Tegenwoordig zijn deze begrippen
algemeen gangbaar, tenminste onder een publiek van vrijdenkers. En aan
wie hebben we dat te danken?
In de eerste plaats aan H.P. Blavatsky die deze nieuwe-oude denkbeelden
opnieuw aan de wereld bracht, en in de tweede plaats aan William Quan
Judge, haar vriend en medewerker, die de onnavolgbare gave had om ingewikkelde
filosofische onderwerpen in heldere alledaagse taal om te zetten en
ze voor het publiek gemakkelijk toegankelijk te maken. Hij was voor
duizenden overal in de wereld een broeder en een vriend, die altijd
klaarstond om bemoediging, hulp en zo nodig advies te geven; en een
boogschutter die van zijn sport hield; in brieven en persoonlijk contact
sloeg hij de spijker op de kop als het erom ging wat iemand op geestelijk
gebied nodig had. Werkelijke sympathie voor zijn medemens, een heldere
betoogtrant en een goede beheersing van de theosofische beginselen maakten
zijn geschriften begrijpelijk voor elk soort zoeker. Ja, Judge heeft
een onuitwisbare indruk achtergelaten op generaties van theosofen, op
de bestemming van de Theosophical Society en op het denken en de stabiliteit
van de mensheid in deze en de komende eeuwen. In een van zijn notitieboekjes
vinden we dit veelzeggende fragment uit een brief die hij schreef:
‘De verlangens van geen enkel
menselijk hart moet men gemakkelijk terzijde schuiven; elk ervan is
een ondertoon in de grote harmonie van het leven; elk ervan is de
roep van een broeder die vaak zijn taal is vergeten, maar nog voelt
wat hij verlangt; in zijn hart brandt, hoe zwak ook, de vonk van het
goddelijke die eeuwig probeert de weg terug te vinden naar het centrum
van waaruit zij kwam. Niet een van de grote menigte mensen die niet
in ons geloven, of nooit van ons hebben gehoord, zou ook maar een
ogenblik lachen om de pogingen van iemand die de weg heeft gezocht
en zijn voet heeft gezet op het pad; kunt u, die de hoogste waarheid
wenst te bereiken, dan doen wat zij die ‘buiten uw kring’
staan, niet zouden doen?’
Ons doel is hier niet om de loftrompet te steken over
Judge, maar om eer te bewijzen aan deze pionier en theosoof die mededogen
had, een knap verstand, en de wil om voor alle mensen, hoe beperkt ook
hun opleiding was, de theosofische leringen toegankelijk te maken, die
zijn mentor en vriend, H.P. Blavatsky, in zo’n overvloed aan de
wereld schonk. Zijn geschriften en brieven zijn zijn getuigenis.
De schrijvers van deze ruim negentig bladzijden hopen
oprecht dat ze door hun jarenlange bekendheid met Judge en zijn geschriften
de essentie daaruit hebben kunnen distilleren, en dat deze bladzijden
gewijd aan zijn leven en zijn werk bij veel lezers een gevoel van verwantschap
zal oproepen met deze edelmoedige man en iets zal overbrengen van de
vreugde en inspiratie die het voorbereiden van dit speciale nummer aan
ieder van ons heeft gebracht.