Het is het spanningsveld van tegengestelden – van liefde en haat,
harmonie en disharmonie, dag en nacht – dat onze wereld in evenwicht
houdt. Ook elk stadium van de menselijke ervaring wordt gekenmerkt door
de eeuwige strijd tussen goed en kwaad, vooruitgang en terugval. Terwijl
we door liefde tot het leven worden gewekt, is het desalniettemin de
dualiteit van kwaliteit en expressie die ons mensen voldoende in evenwicht
houdt om tot bloei te komen, vrucht te dragen en te sterven –
en het volgende seizoen opnieuw tot bloei te komen: ‘Zoals graan
komt een sterveling tot wasdom en valt, en zoals graan wordt hij weer
opnieuw geboren.’ (Katha Upanishad, I.i.6)
Deze zich herhalende opeenvolging van geboorte, groei, dood en herrijzen
is de veiligste manier van de natuur om haar levensvormen, en ook de
planeet zelf, in stand te houden. In ons mensenrijk zien we hetzelfde
patroon: een voortdurend sterven van de vorm, die een vernieuwing van
de geest waarborgt. Omdat de natuur even volmaakt – en onvolmaakt
– is als haar mens-, dier- en plantkinderen, zijn onvolkomenheden
geen fouten of mislukkingen maar afwijkingen en verschillen, die deel
uitmaken van onze groeiervaring. Zij die deze waarheid intuïtief
beseffen, leiden een leven van kalmte en vervulling. Zoals bij de familie
Kaufman, die in de jaren zeventig die waarheid gingen beseffen toen
hun zoon Raun tijdens zijn eerste levensjaar langzaam autistisch werd.
Ze ontdekten dat onze wereld vol ‘bijzondere kinderen’ is
– sommigen van hen worden geboren met een lichamelijke handicap,
anderen met een mentale en/of emotionele, en weer anderen zijn ‘bijzonder’
door een ernstige ziekte of een ongeluk. Bij een aanzienlijk percentage
is de diagnose autisme.
‘Raun was als een symfonie zonder noten – als een lied
zonder woorden.’ Dit mooie jongetje, dat onduidelijk sprak, teruggetrokken
was en zich geheel op zichzelf had gericht, was voor zijn liefhebbende
en zorgzame ouders een mysterie waar ze geen contact mee konden krijgen.
Elke paar maanden werden er deskundigen geraadpleegd, en hoewel de eerste
diagnoses nog vaag waren, luidden die tenslotte: autisme. Er was geen
hoop op genezing, werd hen verteld, want autisme is een levenslange
handicap; plaats het kind in een instelling waar getraind personeel
hem kan helpen de beperkte vaardigheden die het misschien heeft te ontwikkelen.
Barry en Samahria Kaufman namen een andere beslissing: in plaats daarvan
zouden ze Rauns wereld binnengaan en zich vereenzelvigen met zijn
behoefte, wat de gevolgen ook mochten zijn – een diep meedogende
beslissing. Met hun twee dochtertjes sloten ze een verbond van liefde
en acceptatie. Maar de jongen, die was ingekapseld in een ondoordringbaar
schild van in zichzelf opgaan, bleef ongevoelig voor iedere invloed
die niet uit hemzelf voortkwam. Ze putten uit hun diepste bronnen van
geduld, toewijding en wijsheid, en zagen tenslotte bij hun zoon kleine,
steeds groter wordende stapjes van bewustwording – eerst een bewustworden
van zijn moeder, dan van anderen naarmate het centrum van zijn aandacht
langzamerhand verschoof van hemzelf naar andere mensen en dingen.
Na maanden en maanden waarin hij zijn nieuwe omgeving aftastte, nam
Raun kennelijk een bewuste beslissing om permanent in deze wereld te
gaan leven, waarin mensen liefde en warmte ervaren en als ze dat willen
de hoogste prestaties kunnen nastreven. Hij was toen vier jaar. De Kaufmans
waren getuigen van de ‘tweede geboorte’ van hun zoontje,
waarbij zijn autisme van hem afviel als een blad in de herfst en zijn
toekomst zonnig en veelbelovend was. Zou dit blijvend zijn? Ze wisten
het niet. De verandering leek niet minder dan een wonder.
Omdat het intussen tot hen was doorgedrongen dat honderden zo niet
duizenden kinderen die ‘anders’ zijn systematisch worden
opgeborgen in instellingen voor hopeloze en ongeneeslijke gevallen,
waar ze nog meer geïsoleerd en geblokkeerd raken, schreef Barry
Neil Kaufman het boek Son-Rise. NBC maakte er een televisiedocumentaire
van die prijzen won en overal in de wereld werd uitgezonden. Het was
voor honderden gezinnen als regen op verdord land. Om aan hun noden
tegemoet te komen, richtte Kaufman in 1983 het Option Institute and
Fellowship op in Sheffield, Massachussetts, dat niet alleen specifiek
werkt met kinderen met speciale behoeften en hun ouders, maar ook bij
anderen die met tegenslag hebben te kampen probeert de kwaliteit van
het leven te verbeteren.
Elf
jaar later publiceerde Kaufman Son-Rise: The Miracle Continues (Verbroken
stilte)1, gewijd aan ‘alle
bijzondere kinderen’ die zo vaak aan de kant worden gezet en wier
leven wordt gezien als een ‘tragedie’. Een voorwoord van
Raun, op dat moment tweedejaarsstudent aan een gerenommeerde opleiding
voor hoger beroepsonderwijs, is een schitterend eerbetoon aan de moed
van zijn ouders om het te ‘proberen’ tegen het advies van
‘deskundigen’ in. Zij en hun dochters durfden het onmogelijke
aan en bewezen dat liefde en acceptatie ogenschijnlijk onoverkoombare
barrières kunnen overwinnen. The Miracle Continues beschrijft
ook het tot bloei komen van verscheidene kinderen die eens de gevange
waren van een ongeneeslijk gebrek. De schrijver en zijn even opmerkelijke
vrouw zijn getuigen van de macht en de realiteit van onvoorwaardelijk
gedeelde liefde, die bruggen van vertrouwen slaat waar ‘gekwetste’
zielen over kunnen gaan.
De natuur betaalt altijd met gelijke munt. Door de uitdagingen waarmee
gezinnen met ‘bijzondere kinderen’, met wat voor lichamelijke
of mentale tekortkoming ook, worden geconfronteerd, zien we vaak dat
de emotionele en fysieke bronnen uitgeput raken, vooral wanneer het
kind weinig of geen vooruitgang vertoont. Een natuurlijke reactie van
de ouders en familieleden is het gevoel dat hen op een of andere manier
iets is te verwijten. We mogen in deze zaken niet oordelen. Ieder individu
is uniek met een eigen achtergrond van ervaring die tientallen millennia
in het verleden teruggaat, want de mensheid is niet alleen maar een
verschijnsel van de laatste tijd op deze planeet. Evenmin mogen we voorbijgaan
aan de macht en de helende en weldadige invloed van liefde en toewijding,
hoe onzichtbaar de respons daarop ook mag zijn.
Het is merkwaardig dat de vraag waarom deze kleine jongen,
en ook zijn familie, dit trauma moest ondergaan, niet bij de schrijver
schijnt te zijn opgekomen – misschien omdat het zinloos is om
die vraag te stellen, want wie kan het antwoord erop geven? Inderdaad,
niemand weet wat er misschien in vorige levens is gebeurd – veel
mensen zien reïncarnatie tegenwoordig als de meest redelijke verklaring
van de schijnbaar onrechtvaardige gebeurtenissen in ons leven. Wij opperen
de gedachte dat deze bepaalde ziel zijn huidige leefomstandigheden misschien
zelf heeft gekozen om zo in de toekomst met een schone lei te kunnen
beginnen, en om uit de eerste hand te ervaren wat deze bepaalde geboorte
hem en zijn familie kan bieden bij het ontwikkelen van een dieper mededogen
voor hen die lijden.
De lange weg van vele malen geboren worden en sterven garandeert onze
eeuwige groei en wording. We zijn allen goden in de maak met een schitterende
toekomst vóór ons. Door liefde, aantrekking of magnetische
krachtlijnen worden we tot leven gewekt, volgen we onze baan en worden
we naar de ‘andere oever’ geleid. Daar kunnen we verzekerd
van zijn, want hoewel iemand misschien in eenzaamheid sterft, zonder
vrienden, is ons hogere zelf altijd met ons, en op de knooppunten van
geboorte en dood is ze bijzonder nabij.
Hoe gelukkig dat we de oorzaken achter onze levens, of die van anderen,
niet kennen. Die kennis zou de ziel van zijn ware doel kunnen
afleiden, namelijk dat de meedogende tegenwoordigheid van onze innerlijke
goddelijkheid een grotere rol gaat spelen in onze dagelijkse contacten,
en we daardoor, in hoe geringe mate ook, een ‘licht voor de wereld’
worden.
‘Heb de ander lief’ is nog altijd een nieuw gebod, zo weinig
is het beproefd. Men moet het alleen in de praktijk te brengen om de
waarde ervan aan te tonen. Dit is geen onmogelijke taak, want zijn we
niet gemaakt naar het beeld van het goddelijke?
Noot
- Door Barry Neil Kaufman, H.J. Kramer, Inc., Tiburon,
Californië, 1994, 170 blz., geb. isbn 0-915811-53-7; paperback
isbn 0-915811-61-8.
Dit boek is in het Nederlands vertaald: Verbroken stilte,
paperback, 348 blz., Unieboek, 1999, isbn 9026968965.