De vergeten wijsheid van Finland
Elsa-Brita Titchenell

 

Ieder land heeft zijn heldendichten om de grootse wijsheid die ooit de antieke wereld doordrong, vers in de herinnering te houden, uit een tijd dat de mensheid in haar kindsheid verkeerde en de goden zich onder ons bevonden, en onderricht en leiding gaven aan de mensheid die zich tot intelligente wezens begonnen te ontwikkelen. In de loop van duizenden jaren is er een sluier over die kennis komen te hangen, zodat hoogstens enkelen de traditionele kennis die ooit actueel in ieders geest aanwezig was begrijpen of zelfs maar kennen. Het is zo dat er een tijd kwam dat de mensen die zich die kennis herinnerden zich zorgen begonnen te maken dat de waarheid helemaal in de vergetelheid zou raken. Zij reageerden op de behoeften van hun tijd door de wijsheid die ze nog bezaten op schrift te stellen en gebruikten daarbij elk middel dat daarvoor geschikt was: graveren in steen, het krassen van symbolen op papyrus, berkenbast, of welk medium zich ook maar leende voor het duurzaam optekenen van informatie.

Sommige van die optekeningen zijn al eeuwenlang bekend en geleerden zijn er heel aardig in geslaagd de oude schrifttekens te ontcijferen en zelfs tot op zekere hoogte de inhoud ervan te begrijpen. Andere blijven nog een mysterieuze uitdaging, voornamelijk omdat de wereld van nu weigert te erkennen dat er ook maar enige wijsheid kan hebben bestaan vóór de huidige materialistische beschaving de vooruitgang van de mensheid terugbracht tot zuiver fysieke, hypothetische mutaties en verworvenheden. Want mythologie is niet alleen maar een amusante bezigheid voor momenten dat men niets anders te doen heeft, maar voorziet het bewustzijn van de middelen om een hogere, zuiverder wereld binnen te gaan; ze geeft het menselijk hart en denken ook een methode aan om het gewone alledaagse achter zich te laten en werelden van magie binnen te gaan, waar de omhoog strevende geest die daarop uit is toegang heeft tot grootse inzichten.

De meest algemeen geaccepteerde mythologie is waarschijnlijk de bijbel. Daarin wordt het verhaal verteld van de emanatie en evolutie van de vroege mensenrassen, hun groei en wisselvalligheden door lange tijdperken heen tot aan het Vissentijdperk. Daar houdt het verhaal op, hoewel de hemellichamen hun configuraties zoals gezien vanaf onze planeet blijven veranderen.

De Finse mythologie is wellicht moeilijker te ontcijferen dan de meeste andere, want ze werd pas tamelijk laat opgetekend, toen het christendom reeds vaste voet had gekregen in de noordelijke landen en de christelijke mythos zich al met de oude wijsheid had vermengd. Toch zijn er nog herkenbare tekenen van de oorsprong ervan; bijvoorbeeld de goddelijke smid Ilmarinen smeedt de magische molen die alle dingen voortbrengt in de loop van de tijd die zonder begin en einde is, en de stralende veelkleurige deksel erop die alle wijsheid bevat. De menselijke ziel, Lemminkainen, onderneemt de klassieke reis naar de onderwereld en slaagt erin zijn missie te vervullen om na talrijke angstaanjagende beproevingen en avonturen naar de aarde terug te keren.

Wie de Kalevala niet in de oorspronkelijke taal kan lezen moet vertrouwen op een vertaler, zoals W.F. Kirby, corresponderend lid van het Fins Literair Genootschap [in Amerika] die, zover wij kunnen beoordelen op grond van andere bronnen, erin is geslaagd de mystieke kwaliteit van het gedicht en het beroep dat het doet op het innerlijk wezen van de lezer te behouden. Grondig lezen van zelfs een vertaalde Kalevala is zeer de moeite waard, want iedere lezer kan voor zichzelf de onderliggende betekenis van de verhalen bepalen, geholpen door het kalme ritme dat ook bevorderlijk is voor het uitspreken van de Finse namen, die vreemd klinken zelfs in alle landen die Finland omringen.

De hele sage is geschreven in de vorm van een jambisch viervoetig vers, evenals bijvoorbeeld Longfellows Hiawatha, en bevat vele klassieke thema’s vergelijkbaar met die in de mythen van andere volkeren. Men vindt er een prachtig scheppingsverhaal dat vertelt over de geboorte van een kosmisch ei op de oneindige wateren van de ruimte, het smeden van een magische molen die alle substanties voortbrengt, de goden die over de grotere en kleinere onderverdelingen van de kosmische orde heersen, en de plaatsing van hemellichamen, zon en maan, en de sterren van de Grote Beer, die in India de zeven rishi’s worden genoemd. Op het menselijke vlak, waar helden de langdurige taak ondernemen van het verwerven van hun verlichting en deze delen met hun medemensen, vinden we ook verhalen die doen denken aan andere mythologieën: de afdaling van een held in lager sferen, een verhaal over ongewilde incest, en één dat lijkt op het Griekse verhaal waarin vader Tijd zijn kinderen verslindt; boetedoening, en spirituele verworvenheden die volgen op zelfopoffering en zelfdiscipline.
We kunnen er veel bekende symbolen in herkennen. De Levensboom wordt in al zijn glorie afgeschilderd, gevormd door de hemelse musicus/magiër Väinömöinen die

Hardop zijn magische liederen deed klinken,
En een bloem-gekroonde berk schoot op,
Gekroond met bloesems, en gouden bladeren,
En zijn top reikte tot aan de hemel,
Helemaal tot de omhoogrijzende wolken.
In de lucht strekten zich de takken uit,
En zij spreidden zich tot aan de hemel.
Toen zong hij zijn magische liederen,
En hij zong de stralende maan tot aanzijn,
Op de gouden top van de dennenboom;
En de Grote Beer in de takken ervan.      – Rune x:32-42

De smid Ilmarinen moet de Sampo smeden — de grote molen — ‘met zijn veelkleurige deksel, uit de toppen van de witte vleugelpennen van de zwaan, uit de melk van een onvruchtbare vaars, uit een kleine gerstekorrel en uit de zomerwol van schapen’ om de gunst te winnen van de lieflijke maagd die woonde in het sombere land van Pohjola. Zoals de smid verklaart:

Want ik was het die de hemelen smeedde,
En het gewelf van de lucht hamerde ik,
Voordat zelfs de lucht was ontstaan,
Of ook maar een spoor van iets er was.      – x:277-80

Evenals in andere legenden gaat het eerste gedeelte over de vorming van het heelal met zijn zowel onzichtbare als zichtbare werelden; het laatste gedeelte gaat over het menselijke bewustzijn en de ontwikkeling daarvan. Een recent boek van Pekka Ervast uit Finland, Key to the Kalevala, gaat over dat proces. Het is een extrapolatie vanuit de psychologie van de mens en geeft een gedetailleerd verslag van de vooruitgang van een zoeker naar waarheid, zijn beproevingen en het geleidelijk ontwaken van zijn innerlijk zelf door inwijding in de mysteriën. Ervasts interpretatie, waarbij sprake is van een individuele zoektocht van de ziel, is ingenieus en opmerkelijk gezien de aard van de Kalevala.

Toegegeven, mythen eisen een actieve inspanning van de student, want ze doen een beroep op een hoger vermogen dan we gewoonlijk in het dagelijks leven gebruiken. Ze voorzien in een kwaliteit die maar al te vaak ontbreekt in onze moderne visie op het leven. We zijn ons grotendeels niet bewust van het bestaan van een meer volledig inzicht dat ons toegang zou kunnen verschaffen tot omvangrijker gebieden van kennis en dat het doel is van het avontuur van de mens. Zij die zich inzicht in de oudste tradities zouden willen verschaffen, moeten in staat en bereid zijn het toverachtige land van hun innerlijke en heilige voorstellingsvermogen binnen te gaan, waar ze alles achterlaten dat minder is dan hun verborgen zelf. Dat vraagt niet alleen een verstandelijk begrijpen, maar een innerlijk begrip dat alle levensvormen in de gewijde gronden van het verborgen zelf van de zoeker omvat.

Hoewel de Kalevala een van de meer duistere mythen is, bevatten zelfs de weinige gegeven citaten een sterke aanwijzing dat zij eens grootse waarheden in zich droeg die zeer de aandacht waard zijn. Welke mythologie men ook uitkiest om te bestuderen, er is er geen enkele die helemaal geen sleutel bevat. Degene die zich erop toelegt die te gebruiken zal steeds dieper gravend, laag na laag, een schat ontdekken die kan voorzien in een blijvende impuls om een edel leven te leiden en die direct kan worden toegepast op de bezigheden van het dagelijks leven.

 
Oude culturen/beschavingen en hun spirituele tradities
 

Uit het tijdschrift Sunrise juli/aug 1998

© 1998 Theosophical University Press Agency