Ieder land heeft zijn heldendichten om de grootse wijsheid die ooit
de antieke wereld doordrong, vers in de herinnering te houden, uit een
tijd dat de mensheid in haar kindsheid verkeerde en de goden zich onder
ons bevonden, en onderricht en leiding gaven aan de mensheid die zich
tot intelligente wezens begonnen te ontwikkelen. In de loop van duizenden
jaren is er een sluier over die kennis komen te hangen, zodat hoogstens
enkelen de traditionele kennis die ooit actueel in ieders geest aanwezig
was begrijpen of zelfs maar kennen. Het is zo dat er een tijd kwam dat
de mensen die zich die kennis herinnerden zich zorgen begonnen te maken
dat de waarheid helemaal in de vergetelheid zou raken. Zij reageerden
op de behoeften van hun tijd door de wijsheid die ze nog bezaten op
schrift te stellen en gebruikten daarbij elk middel dat daarvoor geschikt
was: graveren in steen, het krassen van symbolen op papyrus, berkenbast,
of welk medium zich ook maar leende voor het duurzaam optekenen van
informatie.
Sommige van die optekeningen zijn al eeuwenlang bekend en geleerden
zijn er heel aardig in geslaagd de oude schrifttekens te ontcijferen
en zelfs tot op zekere hoogte de inhoud ervan te begrijpen. Andere blijven
nog een mysterieuze uitdaging, voornamelijk omdat de wereld van nu weigert
te erkennen dat er ook maar enige wijsheid kan hebben bestaan vóór
de huidige materialistische beschaving de vooruitgang van de mensheid
terugbracht tot zuiver fysieke, hypothetische mutaties en verworvenheden.
Want mythologie is niet alleen maar een amusante bezigheid voor momenten
dat men niets anders te doen heeft, maar voorziet het bewustzijn van
de middelen om een hogere, zuiverder wereld binnen te gaan; ze geeft
het menselijk hart en denken ook een methode aan om het gewone alledaagse
achter zich te laten en werelden van magie binnen te gaan, waar de omhoog
strevende geest die daarop uit is toegang heeft tot grootse inzichten.
De meest algemeen geaccepteerde mythologie is waarschijnlijk de bijbel.
Daarin wordt het verhaal verteld van de emanatie en evolutie van de
vroege mensenrassen, hun groei en wisselvalligheden door lange tijdperken
heen tot aan het Vissentijdperk. Daar houdt het verhaal op, hoewel de
hemellichamen hun configuraties zoals gezien vanaf onze planeet blijven
veranderen.
De Finse mythologie is wellicht moeilijker te ontcijferen dan de meeste
andere, want ze werd pas tamelijk laat opgetekend, toen het christendom
reeds vaste voet had gekregen in de noordelijke landen en de christelijke
mythos zich al met de oude wijsheid had vermengd. Toch zijn er nog herkenbare
tekenen van de oorsprong ervan; bijvoorbeeld de goddelijke smid Ilmarinen
smeedt de magische molen die alle dingen voortbrengt in de loop van
de tijd die zonder begin en einde is, en de stralende veelkleurige deksel
erop die alle wijsheid bevat. De menselijke ziel, Lemminkainen, onderneemt
de klassieke reis naar de onderwereld en slaagt erin zijn missie te
vervullen om na talrijke angstaanjagende beproevingen en avonturen naar
de aarde terug te keren.
Wie de Kalevala niet in de oorspronkelijke taal kan lezen
moet vertrouwen op een vertaler, zoals W.F. Kirby, corresponderend lid
van het Fins Literair Genootschap [in Amerika] die, zover wij kunnen
beoordelen op grond van andere bronnen, erin is geslaagd de mystieke
kwaliteit van het gedicht en het beroep dat het doet op het innerlijk
wezen van de lezer te behouden. Grondig lezen van zelfs een vertaalde
Kalevala is zeer de moeite waard, want iedere lezer kan voor
zichzelf de onderliggende betekenis van de verhalen bepalen, geholpen
door het kalme ritme dat ook bevorderlijk is voor het uitspreken van
de Finse namen, die vreemd klinken zelfs in alle landen die Finland
omringen.
De hele sage is geschreven in de vorm van een jambisch viervoetig vers,
evenals bijvoorbeeld Longfellows Hiawatha, en bevat vele klassieke
thema’s vergelijkbaar met die in de mythen van andere volkeren.
Men vindt er een prachtig scheppingsverhaal dat vertelt over de geboorte
van een kosmisch ei op de oneindige wateren van de ruimte, het smeden
van een magische molen die alle substanties voortbrengt, de goden die
over de grotere en kleinere onderverdelingen van de kosmische orde heersen,
en de plaatsing van hemellichamen, zon en maan, en de sterren van de
Grote Beer, die in India de zeven rishi’s worden genoemd. Op het
menselijke vlak, waar helden de langdurige taak ondernemen van het verwerven
van hun verlichting en deze delen met hun medemensen, vinden we ook
verhalen die doen denken aan andere mythologieën: de afdaling van
een held in lager sferen, een verhaal over ongewilde incest, en één
dat lijkt op het Griekse verhaal waarin vader Tijd zijn kinderen verslindt;
boetedoening, en spirituele verworvenheden die volgen op zelfopoffering
en zelfdiscipline.
We kunnen er veel bekende symbolen in herkennen. De Levensboom wordt
in al zijn glorie afgeschilderd, gevormd door de hemelse musicus/magiër
Väinömöinen die
Hardop zijn magische liederen deed klinken,
En een bloem-gekroonde berk schoot op,
Gekroond met bloesems, en gouden bladeren,
En zijn top reikte tot aan de hemel,
Helemaal tot de omhoogrijzende wolken.
In de lucht strekten zich de takken uit,
En zij spreidden zich tot aan de hemel.
Toen zong hij zijn magische liederen,
En hij zong de stralende maan tot aanzijn,
Op de gouden top van de dennenboom;
En de Grote Beer in de takken ervan. –
Rune x:32-42
De smid Ilmarinen moet de Sampo smeden — de grote molen —
‘met zijn veelkleurige deksel, uit de toppen van de witte vleugelpennen
van de zwaan, uit de melk van een onvruchtbare vaars, uit een kleine
gerstekorrel en uit de zomerwol van schapen’ om de gunst te winnen
van de lieflijke maagd die woonde in het sombere land van Pohjola. Zoals
de smid verklaart:
Want ik was het die de hemelen smeedde,
En het gewelf van de lucht hamerde ik,
Voordat zelfs de lucht was ontstaan,
Of ook maar een spoor van iets er was. –
x:277-80
Evenals in andere legenden gaat het eerste gedeelte over de vorming
van het heelal met zijn zowel onzichtbare als zichtbare werelden; het
laatste gedeelte gaat over het menselijke bewustzijn en de ontwikkeling
daarvan. Een recent boek van Pekka Ervast uit Finland, Key to the
Kalevala, gaat over dat proces. Het is een extrapolatie vanuit
de psychologie van de mens en geeft een gedetailleerd verslag van de
vooruitgang van een zoeker naar waarheid, zijn beproevingen en het geleidelijk
ontwaken van zijn innerlijk zelf door inwijding in de mysteriën.
Ervasts interpretatie, waarbij sprake is van een individuele zoektocht
van de ziel, is ingenieus en opmerkelijk gezien de aard van de Kalevala.
Toegegeven, mythen eisen een actieve inspanning van de student, want
ze doen een beroep op een hoger vermogen dan we gewoonlijk in het dagelijks
leven gebruiken. Ze voorzien in een kwaliteit die maar al te vaak ontbreekt
in onze moderne visie op het leven. We zijn ons grotendeels niet bewust
van het bestaan van een meer volledig inzicht dat ons toegang zou kunnen
verschaffen tot omvangrijker gebieden van kennis en dat het doel is
van het avontuur van de mens. Zij die zich inzicht in de oudste tradities
zouden willen verschaffen, moeten in staat en bereid zijn het toverachtige
land van hun innerlijke en heilige voorstellingsvermogen binnen te gaan,
waar ze alles achterlaten dat minder is dan hun verborgen zelf. Dat
vraagt niet alleen een verstandelijk begrijpen, maar een innerlijk begrip
dat alle levensvormen in de gewijde gronden van het verborgen zelf van
de zoeker omvat.
Hoewel de Kalevala een van de meer duistere mythen is, bevatten
zelfs de weinige gegeven citaten een sterke aanwijzing dat zij eens
grootse waarheden in zich droeg die zeer de aandacht waard zijn. Welke
mythologie men ook uitkiest om te bestuderen, er is er geen enkele die
helemaal geen sleutel bevat. Degene die zich erop toelegt die te gebruiken
zal steeds dieper gravend, laag na laag, een schat ontdekken die kan
voorzien in een blijvende impuls om een edel leven te leiden en die
direct kan worden toegepast op de bezigheden van het dagelijks leven.