Geven of verkrijgen?
Reginald Machell

 

Wat is onze opdracht op aarde? Dat is een vraag die ieder mens in een of andere vorm onder ogen moet zien, zelfs als hij weigert die onder woorden te brengen, of er helemaal niet over wil denken. Deze vraag dient hij te beantwoorden, en hij beantwoordt die door zijn leven. Hij heeft er misschien inderdaad nooit over nagedacht, maar hij heeft er een antwoord op gegeven door de manier waarop hij leeft. Hetzelfde geldt voor iemand die over het doel van het leven veel nadenkt en spreekt: juist de manier waarop hij leeft, vormt het werkelijke antwoord op de vraag die de natuur hem stilzwijgend stelt wanneer hij de fysieke wereld binnenkomt, en die vraag blijft bij hem bestaan tot hij de sfeer van het menselijke handelen verlaat en terugkeert naar zijn geestelijke toestand.
     Er zijn twee grote idealen van het leven die een antwoord geven op deze vraag. Het ene is het ideaal van het geven; het andere dat van het verkrijgen. Altruïsme en egoïsme, zelfopoffering en zelfverheffing: dit zijn de twee idealen waartussen ieder mens moet kiezen, en feitelijk kiest, of hij wil of niet. Want hij moet op een of andere manier handelen, en zijn handelingen zijn zijn leven, welke verklaring voor zijn handelingen hij misschien ook heeft; en zijn keuze blijkt uit zijn leven, zelfs al schijnen zijn woorden en wensen in een andere richting te wijzen.
     Maar wat is geven, en wat is verkrijgen? Waardoor kan iemand kiezen of hij een gever of een verkrijger zal zijn?
     Er wordt gezegd dat ‘de goddelijken geven’, en om goddelijk te worden moeten we ons goddelijk gedragen. Hoe is dit mogelijk als we maar menselijk zijn? Eenvoudig door het feit dat het goddelijke universeel is en potentieel in ieder persoon aanwezig is. Maar hoewel we menselijk zijn, kunnen we ieder onze ogen sluiten voor onze inherente goddelijkheid en ons gedragen alsof we dieren zijn van die vreemde soort die de materialistische wetenschap heeft uitgevonden, dieren die vrij zijn van de beperkingen van natuurwet (die de uitdrukking is van het goddelijke in de natuur) en niet gebonden door de hogere wet van het mensenrijk.
     Dit verkeerde ideaal van de mens als een wezen van stof, zielloos, minder dan een dier, de gewillige slaaf van zijn eigen hartstochten, die geen wet kent dan de begeerte en geen beperking voor zijn hebzucht of lust dan die wordt opgelegd door kracht alleen – dit verlagende ideaal plaatst ons in het gebied van de chaos, waar de onbewuste atomen blind gehoorzamen aan de wetten van de chaos, die materie is in haar laagste en eenvoudigste evolutiestadium. Als dit ideaal in praktijk wordt gebracht, maakt het iemand absoluut zelfzuchtig en volkomen immoreel. Terwijl zo iemand denkt dat hij groeit en zichzelf sterk ontwikkelt, valt hij bij iedere stap op het pad van evolutie in feite terug tot de chaos, om weer op het niveau van de titanische krachten van de primitieve natuur te komen.
     Maar de goddelijken geven. Hoe kan iemand geven tenzij hij eerst iets heeft verkregen om te geven? Dit is het werkelijk interessante punt van het hele onderwerp, want het dwingt ons te vragen: wat kunnen we werkelijk verkrijgen? wat bezitten we werkelijk? en wat kunnen we geven?
     Bezit, rijkdom en positie zijn zo weinig van ons, dat we deze alle buiten onze schuld om in een oogwenk kunnen verliezen; evenmin kunnen we deze dingen werkelijk aan anderen geven (zoals iedereen die diep nadenkt weet), want er is geen werkelijk of permanent bezit van dingen mogelijk in de wereld zoals wij die kennen.
     Het enige werkelijke bezit dat iemand kan hebben is dat wat hij tot een deel van zijn eigen karakter heeft gemaakt, een deel van zichzelf. Een dappere man kan moed geven aan anderen, een opgewekte man kan hoop geven, een edelmoedig mens kan liefde geven, een bekwaam mens kan doeltreffendheid geven, een ware dichter, musicus, artiest, of redenaar kan inspiratie schenken. Een religieus mens kan toewijding of juist die andere kwaliteiten geven die zijn religie in hem heeft ontwikkeld. Iemand kan geven wat hij is omdat dat alles is wat hij kan geven. En onze opdracht als mensen is te geven, omdat het onze bestemming is goddelijk te worden: goddelijkheid is het doel van de evolutie van de mens.

Uit het tijdschrift Sunrise nov/dec 2000

© 2000 Theosophical University Press Agency