Een begrijpend hart
Sarah Belle Dougherty

 

Gottfried de Purucker, leider van de Theosophical Society van 1929 tot 1942, bracht een boodschap van liefde, hoop en broederschap, gebaseerd op een ruimer inzicht in de mens en het heelal. Door zijn verhelderende beschrijving van de aard en structuur van solaire, planetaire, en menselijke wezens probeerde hij zijn toehoorders en lezers te inspireren zich hun ware positie te realiseren in de grote stroom van het leven en dienovereenkomstig te handelen. De Purucker hield vol dat waarheid kan worden gekend, dat door te streven naar verruiming van inzicht en ‘eerst edele mensen, en tenslotte goddelijk’ te worden, we onszelf en de kosmos betrekkelijk volledig kunnen leren kennen – waarbij de horizon van onze verdere mogelijkheden zich uitstrekt tot in de eindeloze verte.
     Voor G. de Purucker is het universum een levend organisme. Leven en bewustzijn zijn overal; elk deeltje of melkwegstelsel is een bewustzijnscentrum met geestelijke en psychische aspecten en toenemende mogelijkheden voor de individuele wil. Er bestaan geen absoluten – hetzij van perfectie, goddelijkheid, goed of kwaad – alleen evoluerende wezens in een eindeloos continuüm van ontwikkeling. Hij verwierp het begrip ‘toeval’, en beschouwde het als niet meer dan een bekentenis van onwetendheid. De omstandigheden waarin iemand zich bevindt zijn het gevolg van de wisselwerking van ontelbare onvolmaakte bewustzijnen die hun verschillende graden van vrije wil gebruiken, alle met elkaar verbonden in het zo ontstane netwerk van oorzaak en gevolg dat ze samen hebben gevlochten.
     Omdat het heelal als entiteit een op zichzelf bestaand samenhangend geheel is, is analogie een van De Puruckers favoriete hulpmiddelen. Wanneer we de fundamentele principes begrijpen die hierbij een rol spelen, kunnen we de inzichten die we in één levensbereik hebben verworven toepassen op andere. Zijn geschriften moedigen ons aan onze innerlijke krachten en ons eigen onderscheidingsvermogen te oefenen door te proberen zelf antwoorden te vinden. Al zijn onze conclusies misschien ondeugdelijk, geestelijke vermogens ontwikkelen zich alleen door ze te gebruiken. Als eindige wezens die zich bezighouden met oneindige thema’s zal ons begrip nooit volmaakt zijn. Maar we kunnen en zullen meer weten naarmate we meer worden, want in essentie zijn we één met het hart van het heelal.
     In dit proces van menselijke groei legde De Purucker in het bijzonder de nadruk op het ‘begrijpende hart’. Deze uitdrukking houdt geen sentimentaliteit in, maar veeleer een verlichting van het begrijpen door de intuïtieve en geestelijke kern van ons wezen, en een zuivering van de emoties door het besef van ons een-zijn met alles. Het begrijpende hart is wijs, universeel in zijn liefde, geoefend in onderscheidingsvermogen, in staat tot een direct zien van de waarheid gepaard gaand met een gevoel van mededogen. Hierbij staat het hart niet tegenover het intellect. Toen hem werd gevraagd of het hart en de ethiek in de theosofie niet meer nadruk verdienen, antwoordde hij:

     De behoefte aan ethiek en aan een grotere rol voor het hart in ons werk is iets eeuwigs. Het zal altijd zo zijn. Maar het is even nodig, en ook een eeuwige behoefte, dat de intellectuele kant nadruk krijgt. De twee moeten zich verenigen en één worden; en het is dwaas om te zeggen: Geen intellect en alleen ethiek; of, geen ethiek en alleen intellect. Het eerste maakt een mens tot een vriendelijke dwaas. Het tweede maakt een mens tot een onvriendelijke demon. Samen vormen ze de ware mens.      – Aspecten van de Occulte Filosofie, blz. 443

Het tot bloei komen als volledige mensen onder invloed van het hoogste in ons vormt de basis van zijn benadering.
     Dit speciale nummer schenkt aandacht aan enkele markante aspecten van Gottfried de Puruckers leven, zijn werk en nieuwe presentatie van de oude wijsheid. Zij die een uitgebreider inzicht willen verwerven, raden we aan in zijn geschriften te duiken en de man en zijn ideeën zelf te ontdekken.


Uit het tijdschrift Sunrise sept/okt 2000

© 2000 Theosophical University Press Agency