We zijn geen mensen die het goddelijke pad gaan, maar goden die tijdelijk
het menselijke pad gaan. Sinds de tijd dat we als pelgrimmonaden afdaalden
tot in de dichte sfeer van dualistische manifestatie, zijn we zo opgegaan
in het stoffelijke dat we bijna zijn vergeten wie we werkelijk zijn.
Maar we zijn het niet helemaal vergeten omdat de innerlijke trilling
vanuit het hart, de fluisterende Stem van de Stilte ons verzekert dat
er meer is.
Individuen besteden misschien aandacht aan deze stille Stem, maar de
mensheid als geheel slaagt er vaak niet in haar te horen. Mensen volgen
religieuze opvattingen die niet langer zijn geworteld in de oorspronkelijke
leringen van een goddelijke boodschapper maar in de denkbeelden van
latere volgelingen. De innerlijke sleutels tot rituelen en ethische
voorschriften zijn reeds lang vergeten. Gelukkig kunnen de wereldgeschriften
ons nog steeds een diep inzicht geven in wie en wat we zijn en in wat
onze bestemming is. Als we van deze geschriften gebruikmaken kunnen
we langzaam opklimmen naar de top van het geconditioneerde gebied; maar
het is heel erg moeilijk om vanuit deze top de stap te maken naar het
uiteindelijke Ene. In plaats van onderaan te beginnen met een dualistische
visie, kunnen we ook voor een andere benadering kiezen. Over de onderliggende
eenheid zegt H.P. Blavatsky:
Zij is het ene leven,
eeuwig, onzichtbaar en toch alomtegenwoordig, zonder begin of einde
en toch periodiek in haar geregelde manifestaties, terwijl tussen
die perioden het duistere geheim van het niet-zijn heerst; onbewust
en toch absoluut Bewustzijn; niet te verwerkelijken en toch de ene
op zichzelf bestaande werkelijkheid; inderdaad ‘een chaos voor
het gevoel, een Kosmos voor de rede’. Haar ene absolute kenmerk,
die zijzelf is, eeuwige, onophoudelijke
beweging, . . . is de eeuwigdurende beweging van het Heelal in de
zin van grenzeloze, altijd aanwezige ruimte.
Wat bewegingloos is, kan niet goddelijk zijn. Maar er is ook in feite
en in werkelijkheid niets absoluut onbeweeglijk binnen de universele
ziel.
– De Geheime Leer 1:32
Alle leringen monden, zoals rivieren, uiteindelijk uit in de ene Zee.
Het eeuwige Ene Leven is wat we zijn en wat iedereen is. Meditatie hierover
leidt tot wijsheid, vrijgevigheid, geduld, wilskracht en altruïsme,
die zich van boven naar beneden ontvouwen, en op deze manier worden
we een ontwaakt bewustzijn dat klaarstaat om anderen te helpen.