Goddelijke pelgrims
Jelle Bosma

 

We zijn geen mensen die het goddelijke pad gaan, maar goden die tijdelijk het menselijke pad gaan. Sinds de tijd dat we als pelgrimmonaden afdaalden tot in de dichte sfeer van dualistische manifestatie, zijn we zo opgegaan in het stoffelijke dat we bijna zijn vergeten wie we werkelijk zijn. Maar we zijn het niet helemaal vergeten omdat de innerlijke trilling vanuit het hart, de fluisterende Stem van de Stilte ons verzekert dat er meer is.

Individuen besteden misschien aandacht aan deze stille Stem, maar de mensheid als geheel slaagt er vaak niet in haar te horen. Mensen volgen religieuze opvattingen die niet langer zijn geworteld in de oorspronkelijke leringen van een goddelijke boodschapper maar in de denkbeelden van latere volgelingen. De innerlijke sleutels tot rituelen en ethische voorschriften zijn reeds lang vergeten. Gelukkig kunnen de wereldgeschriften ons nog steeds een diep inzicht geven in wie en wat we zijn en in wat onze bestemming is. Als we van deze geschriften gebruikmaken kunnen we langzaam opklimmen naar de top van het geconditioneerde gebied; maar het is heel erg moeilijk om vanuit deze top de stap te maken naar het uiteindelijke Ene. In plaats van onderaan te beginnen met een dualistische visie, kunnen we ook voor een andere benadering kiezen. Over de onderliggende eenheid zegt H.P. Blavatsky:

Zij is het ene leven, eeuwig, onzichtbaar en toch alomtegenwoordig, zonder begin of einde en toch periodiek in haar geregelde manifestaties, terwijl tussen die perioden het duistere geheim van het niet-zijn heerst; onbewust en toch absoluut Bewustzijn; niet te verwerkelijken en toch de ene op zichzelf bestaande werkelijkheid; inderdaad ‘een chaos voor het gevoel, een Kosmos voor de rede’. Haar ene absolute kenmerk, die zijzelf is, eeuwige, onophoudelijke beweging, . . . is de eeuwigdurende beweging van het Heelal in de zin van grenzeloze, altijd aanwezige ruimte. Wat bewegingloos is, kan niet goddelijk zijn. Maar er is ook in feite en in werkelijkheid niets absoluut onbeweeglijk binnen de universele ziel.
     – De Geheime Leer 1:32

Alle leringen monden, zoals rivieren, uiteindelijk uit in de ene Zee. Het eeuwige Ene Leven is wat we zijn en wat iedereen is. Meditatie hierover leidt tot wijsheid, vrijgevigheid, geduld, wilskracht en altruïsme, die zich van boven naar beneden ontvouwen, en op deze manier worden we een ontwaakt bewustzijn dat klaarstaat om anderen te helpen.

 

Uit het tijdschrift Sunrise sep/okt 2006

© 2006 Theosophical University Press Agency