Stel je voor dat je op safari gaat naar een denkbeeldige savanne en
dat je de wilde dieren van het emotionele lagere zelf ziet komen en
gaan. Een zwarte woede-neushoorn valt plotseling de auto aan, terwijl
een luiheidsleeuw een dutje doet in de schaduw van een doornboom. Een
dankbaarheidsgiraffe stapt voorbij. Hysterie-hyena’s verbreken
de stilte met hun onsamenhangende gehuil. Een toewijdingsadelaar zweeft
hoog in de lucht en laat zich meevoeren op de warme zachte wind. Net
als dieren zijn sommige emoties onschuldig en geven andere ons een wezenlijk
gevoel van het oneindige en van ons innerlijke zelf. Minderwaardige
emoties moeten stevig in bedwang worden gehouden of zelfs worden weggestopt.
Als we aan één ervan te veel toegeven worden we hun gevangene
in plaats van hun meester, en het is belangrijk dat we uiteindelijk
niet met onze ongetemde emoties gevangen raken in een kooi!
Op onze spirituele zoektocht worden we vaak ertoe verleid (en wordt
ons verteld) om gevangenbewaarders en onderdrukkers van onze emoties
te zijn – een afgezaagde en bekrompen visie. Emoties zijn onmisbaar
voor ons functioneren als gezonde, levenslustige mensen – zelfs
de slechte, zoals boosheid. Het zorgen voor de juiste balans in ons
emotionele en spirituele leven is essentieel omdat emoties dwars door
onze uiterlijke en innerlijke constitutie heendringen en zowel onze
mentale als onze fysieke gezondheid aantasten. Hoe komen we dan in balans
en krijgen we onszelf onder controle zonder onszelf en ons zelfvertrouwen
hierbij af te breken door nutteloos schuldgevoel en simplistische regels?
Hoe veranderen we een ongepolijste energie in iets bruikbaars? Terwijl
we het leven ervaren en ons betere zelf ontwikkelen, moeten we werken
met en door middel van onze emoties – ze soms overwinnen en ze
transformeren als we dat kunnen. Om een andere analogie toe te passen
moeten we, zoals goede boeren, voorzichtig maar standvastig onze fijnere
emoties cultiveren door een gezonde zelfbeheersing toe te passen. Anders
krijgen we een weerbarstige, zelfzuchtige akker vol onkruid en negativiteit,
en niet het rijke gewas dat we dachten gezaaid te hebben, niet de persoon
waarvan we hadden gehoopt deze in de spiegel te zien.
Sint Joris die met het zwaard in de hand schrijlings op de Draak zit,
geeft ook een bruikbaar beeld van wat we moeten doen. Sint Joris (ons
betere zelf) houdt de punt van zijn zwaard gericht boven de met schrik
vervulde ogen van de draak (ons lagere ongeduldige en gemakkelijk boos
te krijgen zelf) – en de draak onder hem wordt als een nuttige
dienaar in bedwang gehouden. De draak doden zou betekenen dat we een
vermomde bondgenoot zouden verliezen: een deel van onszelf. De oude
Egyptenaren drukten hetzelfde idee uit in het gebeeldhouwde lichaam
van de Sfinx, met zijn menselijke hoofd en leeuwenlichaam. Hier is de
halfgoddelijke mens samen met zijn dierlijke zelf opgesloten in een
lichaam, waarbij de mens idealiter volledig de leiding heeft over de
dierlijke aspecten van zijn natuur. Beide figuren symboliseren een oude,
oude strijd die ieder mens op de planeet moet aangaan – en moet
winnen, of ze moeten in andere incarnaties terugkomen en elkaar opnieuw
ontmoeten.
Hoe snel kunnen we een toestand van evenwicht tussen emotie en spiritualiteit
bereiken? We kunnen niet verwachten ons van de ene op de andere dag
te ontwikkelen. Het duurt bij een grote boom vele jaren voordat zijn
wortels zijn volgroeid, zodat zijn kroon volledig kan uitgroeien. Maar
we kunnen ten minste ons doel hoog stellen: proberen meedogend, verstandig,
positief en vriendelijk te handelen – innerlijk en uiterlijk ons
betere zelf te zijn, de persoon en vriend van onszelf die we graag zouden
zijn.
De Chinese filosoof Mencius zei over spirituele groei dat we jonge
grassprietjes niet uit de grond kunnen trekken om ze sneller te laten
groeien. We moeten geduld hebben. We kunnen onze goede emoties niet
dwingen, of onze schadelijke emoties vernietigen of helemaal onderdrukken,
zonder daarvoor een hoge prijs te betalen. Er is tijd voor nodig.
We moeten accepteren wie we zijn – als mensen, niet meer en niet
minder – en van daaruit werken. Door onszelf op deze neutrale
manier te beschouwen kan het gemakkelijker worden om het pad te volgen
naar onze innerlijke god en de grootsheid te ontdekken die we in ons
hoogste aspect zijn.
Maar houden emoties bij ons op? Het zijn geen opzichzelfstaande gebeurtenissen
die alleen binnen ons gebied van denken en voelen plaatsvinden. Nee,
ze reizen, want zoals Grace Knoche schreef:
Gedachten en emoties van elke soort circuleren snel
door de innerlijke atmosfeer van de aarde, om daarna met dezelfde
inhoud terug te keren naar de persoon en naar de landen en volkeren
die ze uitzonden, en daarbij onnoemelijke aantallen die op dezelfde
golflengte zitten te verlagen of te verheffen.
– Sunrise, dec. 1979, blz. 367
We zijn dus tegenover anderen verantwoordelijk voor de kwaliteit van
onze emoties. We kunnen ons misschien één onzichtbare
energie voorstellen die door de cellen van ons lichaam beweegt, door
ons geheugen en onze emoties, en verder doorreist naar buren, gezinnen
en landen. Als we dit idee doortrekken, dan is de hele natuur doordrongen
en onderling verbonden door de circulatie van deze dynamische krachten
en trillingen – waarvan sommige emotionele energieën zijn.
Deze onderlinge verbondenheid brengt een ware verantwoordelijkheid met
zich mee in ons emotionele leven. Zoals Grace Knoche verder uitlegde:
We zijn door onze gedachten en gevoelens scheppers
of vernietigers; dat is onvermijdelijk, want innerlijke gezondheid
hangt af van de juiste balans tussen de neiging om ons te ontdoen
van wat we zijn ontgroeid en de neiging om wat voor onze vooruitgang
essentieel is te laten opbloeien en te vernieuwen – als persoon
en in onze relatie met anderen.
. . . Wanneer we niet kunnen vergeven, en haat en
wrok koesteren, dan is dat nagenoeg fataal, waarbij de transformatie
van negatieve elementen naar levensopbouwende energieën wordt
vertraagd. Omgekeerd, wanneer we onze natuur kunnen ontdoen van dat
wat laag en bekrompen is, zijn we scheppers, levengevers – aan
onszelf en onze medemensen, want alleen voor zichzelf leven is onmogelijk.
– Op.cit., blz. 366-7
Emoties zijn belangrijk. Laten we de positieve dingen in en buiten
ons hooghouden en onze emotionele energie op positieve wijze gebruiken.
Laten we mens zijn, de best mogelijke mens die we ons kunnen voorstellen.
Onze emoties kunnen ons vergiftigen, of ons helpen om deze wereld beter
en vriendelijker te maken. Want wij zijn dierenverzorgers, Sint Joris
– en ook de draak!
