Het temmen van onze emoties
Stefan Carey en Andrew Rooke

 

Stel je voor dat je op safari gaat naar een denkbeeldige savanne en dat je de wilde dieren van het emotionele lagere zelf ziet komen en gaan. Een zwarte woede-neushoorn valt plotseling de auto aan, terwijl een luiheidsleeuw een dutje doet in de schaduw van een doornboom. Een dankbaarheidsgiraffe stapt voorbij. Hysterie-hyena’s verbreken de stilte met hun onsamenhangende gehuil. Een toewijdingsadelaar zweeft hoog in de lucht en laat zich meevoeren op de warme zachte wind. Net als dieren zijn sommige emoties onschuldig en geven andere ons een wezenlijk gevoel van het oneindige en van ons innerlijke zelf. Minderwaardige emoties moeten stevig in bedwang worden gehouden of zelfs worden weggestopt. Als we aan één ervan te veel toegeven worden we hun gevangene in plaats van hun meester, en het is belangrijk dat we uiteindelijk niet met onze ongetemde emoties gevangen raken in een kooi!

Op onze spirituele zoektocht worden we vaak ertoe verleid (en wordt ons verteld) om gevangenbewaarders en onderdrukkers van onze emoties te zijn – een afgezaagde en bekrompen visie. Emoties zijn onmisbaar voor ons functioneren als gezonde, levenslustige mensen – zelfs de slechte, zoals boosheid. Het zorgen voor de juiste balans in ons emotionele en spirituele leven is essentieel omdat emoties dwars door onze uiterlijke en innerlijke constitutie heendringen en zowel onze mentale als onze fysieke gezondheid aantasten. Hoe komen we dan in balans en krijgen we onszelf onder controle zonder onszelf en ons zelfvertrouwen hierbij af te breken door nutteloos schuldgevoel en simplistische regels? Hoe veranderen we een ongepolijste energie in iets bruikbaars? Terwijl we het leven ervaren en ons betere zelf ontwikkelen, moeten we werken met en door middel van onze emoties – ze soms overwinnen en ze transformeren als we dat kunnen. Om een andere analogie toe te passen moeten we, zoals goede boeren, voorzichtig maar standvastig onze fijnere emoties cultiveren door een gezonde zelfbeheersing toe te passen. Anders krijgen we een weerbarstige, zelfzuchtige akker vol onkruid en negativiteit, en niet het rijke gewas dat we dachten gezaaid te hebben, niet de persoon waarvan we hadden gehoopt deze in de spiegel te zien.

Sint Joris die met het zwaard in de hand schrijlings op de Draak zit, geeft ook een bruikbaar beeld van wat we moeten doen. Sint Joris (ons betere zelf) houdt de punt van zijn zwaard gericht boven de met schrik vervulde ogen van de draak (ons lagere ongeduldige en gemakkelijk boos te krijgen zelf) – en de draak onder hem wordt als een nuttige dienaar in bedwang gehouden. De draak doden zou betekenen dat we een vermomde bondgenoot zouden verliezen: een deel van onszelf. De oude Egyptenaren drukten hetzelfde idee uit in het gebeeldhouwde lichaam van de Sfinx, met zijn menselijke hoofd en leeuwenlichaam. Hier is de halfgoddelijke mens samen met zijn dierlijke zelf opgesloten in een lichaam, waarbij de mens idealiter volledig de leiding heeft over de dierlijke aspecten van zijn natuur. Beide figuren symboliseren een oude, oude strijd die ieder mens op de planeet moet aangaan – en moet winnen, of ze moeten in andere incarnaties terugkomen en elkaar opnieuw ontmoeten.

Hoe snel kunnen we een toestand van evenwicht tussen emotie en spiritualiteit bereiken? We kunnen niet verwachten ons van de ene op de andere dag te ontwikkelen. Het duurt bij een grote boom vele jaren voordat zijn wortels zijn volgroeid, zodat zijn kroon volledig kan uitgroeien. Maar we kunnen ten minste ons doel hoog stellen: proberen meedogend, verstandig, positief en vriendelijk te handelen – innerlijk en uiterlijk ons betere zelf te zijn, de persoon en vriend van onszelf die we graag zouden zijn.

De Chinese filosoof Mencius zei over spirituele groei dat we jonge grassprietjes niet uit de grond kunnen trekken om ze sneller te laten groeien. We moeten geduld hebben. We kunnen onze goede emoties niet dwingen, of onze schadelijke emoties vernietigen of helemaal onderdrukken, zonder daarvoor een hoge prijs te betalen. Er is tijd voor nodig. We moeten accepteren wie we zijn – als mensen, niet meer en niet minder – en van daaruit werken. Door onszelf op deze neutrale manier te beschouwen kan het gemakkelijker worden om het pad te volgen naar onze innerlijke god en de grootsheid te ontdekken die we in ons hoogste aspect zijn.

Maar houden emoties bij ons op? Het zijn geen opzichzelfstaande gebeurtenissen die alleen binnen ons gebied van denken en voelen plaatsvinden. Nee, ze reizen, want zoals Grace Knoche schreef:

Gedachten en emoties van elke soort circuleren snel door de innerlijke atmosfeer van de aarde, om daarna met dezelfde inhoud terug te keren naar de persoon en naar de landen en volkeren die ze uitzonden, en daarbij onnoemelijke aantallen die op dezelfde golflengte zitten te verlagen of te verheffen.
    – Sunrise, dec. 1979, blz. 367

We zijn dus tegenover anderen verantwoordelijk voor de kwaliteit van onze emoties. We kunnen ons misschien één onzichtbare energie voorstellen die door de cellen van ons lichaam beweegt, door ons geheugen en onze emoties, en verder doorreist naar buren, gezinnen en landen. Als we dit idee doortrekken, dan is de hele natuur doordrongen en onderling verbonden door de circulatie van deze dynamische krachten en trillingen – waarvan sommige emotionele energieën zijn. Deze onderlinge verbondenheid brengt een ware verantwoordelijkheid met zich mee in ons emotionele leven. Zoals Grace Knoche verder uitlegde:

We zijn door onze gedachten en gevoelens scheppers of vernietigers; dat is onvermijdelijk, want innerlijke gezondheid hangt af van de juiste balans tussen de neiging om ons te ontdoen van wat we zijn ontgroeid en de neiging om wat voor onze vooruitgang essentieel is te laten opbloeien en te vernieuwen – als persoon en in onze relatie met anderen.

. . . Wanneer we niet kunnen vergeven, en haat en wrok koesteren, dan is dat nagenoeg fataal, waarbij de transformatie van negatieve elementen naar levensopbouwende energieën wordt vertraagd. Omgekeerd, wanneer we onze natuur kunnen ontdoen van dat wat laag en bekrompen is, zijn we scheppers, levengevers – aan onszelf en onze medemensen, want alleen voor zichzelf leven is onmogelijk.    – Op.cit., blz. 366-7

Emoties zijn belangrijk. Laten we de positieve dingen in en buiten ons hooghouden en onze emotionele energie op positieve wijze gebruiken. Laten we mens zijn, de best mogelijke mens die we ons kunnen voorstellen. Onze emoties kunnen ons vergiftigen, of ons helpen om deze wereld beter en vriendelijker te maken. Want wij zijn dierenverzorgers, Sint Joris – en ook de draak!


 

Uit het tijdschrift Sunrise winter 2008

© 2007 Theosophical University Press Agency