![]() | ![]() |
![]() |
| De zeven kleuren van het spectrum
Alles wat hier is gezegd over het onderwerp
van de zeven kleuren van het spectrum is heel mooi gezegd, informatief
en leerzaam; en als ik me verplaats in de geest van elke spreker kan ik,
denk ik, terecht zeggen dat ik het met iedereen eens ben, wat echter
betekent, als het om het antwoord gaat waarnaar ik uitzag, dat ik het
met niemand eens ben! Een vreemde paradox! Alles wat er is gezegd is waar;
en toch was het niet dat ene antwoord op de vraag waar ik naar zocht.
In alle nederigheid van geest, en met alle voorbehoud dat ik denk te moeten
maken, terwijl ik weet dat het vatbaar is voor verbetering door een grotere
geest dan hier aanwezig is, zeker groter dan de mijne, zou ik het volgende
willen zeggen: geen van de kleuren van het spectrum staat in essentie
hoger dan één van de andere. Ze zijn alle goddelijk van oorsprong. Omdat
de zon het voertuig is van een godheid, is alles wat daaruit voortkomt
geworteld in het goddelijke. Die uitspraak werd gedaan. Maar vergeleken
daarmee moeten we voor het gebied van het stoffelijke bestaan en met het
oog op het werk dat elk van de uitstromingen van de zon doet op deze schaal
van de stof, van het gedifferentieerde leven, wel een onderscheid maken
(en dit had ik niet in gedachte) en zeggen dat ātman kleurloos is, buddhi
geel, enz. Kāma is rood.
Zoals één spreker zei en ik noem dit in het bijzonder
omdat dezelfde gedachte in mij opkwam moeten we niet denken dat rood
een slechte kleur is. Ze is niet slechter dan goudkleur of groen of geel
of een andere kleur. Misbruik van kracht is verkeerd, niet de kracht zelf.
Begeerte [kāma is de Sanskrietterm] ontstond het allereerst in de schoot
van Het het grenzeloze het geestelijke verlangen, de begeerte zijn
transcendente glorie te manifesteren. Telkens als u in uw hart aspireert
naar grotere dingen, telkens als u ernaar verlangt één te worden met de
geest in u, bent u in het kāmabeginsel; en telkens als u bij die verheven
aspiratie op verstandige wijze, met wijsheid, uw schreden richt, dan bent
u ook in de kleur indigo, buddhi-manas, die samenwerken.
Dit is het antwoord waarop ik doelde. Elk van de zeven
kleuren van het zonnespectrum is zelf zevenvoudig of tienvoudig, zo
u wilt. U kunt het in zevenen of tienen verdelen; en deze onderverdelingen
herhalen slechts in het klein wat zijn oorsprong heeft in het groot. Is
dat niet vanzelfsprekend? U kunt niet een schijfje uit een appel snijden
en iets anders krijgen dan appel. Daarom bevat elk kleinste deel van de
oneindigheid elk essentieel element en elke essentiėle kracht die in de
oneindigheid is bevat. Daarom bevat elke onderverdeling of elk subgebied,
als herhaling, haar eigen zevenvoud, ontleend aan het omringende heelal.
De microkosmos herhaalt eenvoudig de macrokosmos.
Een mens met een svabhāva of svābhāvisch karakter dat
bijvoorbeeld in rood of kāma ligt, leeft, als hij in het ātmandeel daarvan
is, op een veel hoger peil dan iemand met een essentieel svabhāva dat
goudgeel is en toch in het lagere leeft. Begrijpt u mijn gedachte? Het
beginsel waarin u leeft, bepaalt uw plaats op de levensladder. Leeft u
in de ātman, het hoogste deel, de geest, het essentiėle zelf, het goddelijke
deel van een kleur, van een kracht, van een element, dan zijn uw eigen
gevoelens daarmee in overeenstemming en bent u in de hogere bewustzijnstoestand
en leeft u edeler dan iemand die, laten we zeggen, in indigo verkeert,
maar op een heel laag niveau daarvan. Een eenvoudig mens, geboren in nederige
levensomstandigheden, die geen opleiding heeft genoten, lichamelijk is
gehandicapt, die alles tegen heeft ik gebruik dit maar als een voorbeeld
maar die niettemin de geest van een ziener bezit en het hart van een
god, staat vele graden hoger dan iemand die met een zilveren lepel in
de mond is geboren, de beste opleiding kreeg die de wereld hem kan geven,
maar toch leeft met een hart vol venijn en kwaad.
H.P.B. zei haar toehoorders eens dat een kunstenaar
en u weet dat kunstenaars vaak een ongeregeld en absurd leven leiden
dat een kunstenaar die er innerlijk oprecht naar verlangt een beter mens
te worden en een beter leven te leiden, zelfs al faalt hij herhaaldelijk,
grotere kansen op chelaschap heeft dan een priester in een kerk die eelt
op zijn knieėn krijgt van het knielen en het dagelijks bidden tot de almachtige
God, maar innerlijk een hart heeft als een nest adders. Dat was de gedachte.
Het niveau waarop u leeft geeft aan waar u hoort. Het gaat erom te proberen
op het hoogste niveau te leven waar geen kleur is, waar alles kleurloze
glorie is. Zodra men afdaalt in kleur, daalt men af in manifestatie en
differentiatie, brengt men een overeenkomstige hoeveelheid māyā voort
en de daaruit voortvloeiende onwetendheid. Kleur betekent manifestatie,
differentiatie, de wereld om ons heen, materie, in haar meest dichte en
verstarde vorm.
Neem het spectrum: Rood, oranje, geel enzovoort, de schaal
langs tot ultraviolet. Dan begint een nieuw rood en als men dat volgt
in het onzichtbare licht, gaat men omhoog tot men een nog hoger rood bereikt,
na de tussenliggende stadia te zijn gepasseerd. Conclusie: Er is een goddelijke
kāma, er is een verlaagd soort kāma; er is een goddelijke buddhi, er is
een menselijke buddhi, die de weerspiegeling van de eerstgenoemde is.
Het betekent dat ieder gebied is onderverdeeld en gevormd naar het model
van het hogere. In welke levensomstandigheden een mens dus wordt geboren,
tot welke straal, zoals sommigen zeggen, hij ook behoort, daardoor wordt
zijn plaats niet bepaald. Zijn plaats wordt bepaald door datgene waarop
zijn bewustzijn is gericht. Is het omhooggericht en verheft het zich tot
ātman, in de kleurloze sfeer, dan is het goddelijke in hem. In het absolute
is geen enkele kleur geestelijker dan een andere, omdat alle voortkomen
uit het hart van het goddelijke. Als we afdalen in de werelden van differentiatie,
van het bestaan, dan moeten we verdelingen maken. In het abstracte en
dit is niet in strijd met wat er is gezegd is het volkomen juist dat
hoe sneller de trilling is, hoe hoger de frequentie van een kleur is,
des te dichter ze bij de stof staat; want wat wij stof, fysieke stof,
noemen is intensiteit van trilling, van kracht. Dat brengt het atoom,
de elektronen en alle andere dingen voort. De moderne wetenschap zegt
nu dat ze uit energiepunten bestaan, punten van elektriciteit, van intense
trilling. Hoe groter de trillingssnelheid, des te dichter is de stof.
Werk die gedachte uit maar concludeer niet voorbarig dat violet, omdat
het een zeer intense trilling heeft, de minst geestelijke kleur is. Violet
heeft een ātman, heeft een buddhi en zo verder langs de schaal. Het is
een ingewikkeld onderwerp en ik heb de vraag gesteld in een poging om
er een helderder idee van te krijgen. Ik denk dat dat is gelukt!
Aspecten van de Occulte Filosofie, blz. 217-9 ©
1999 Theosophical
University Press Agency |