Hoe Pasen een christelijk feest werd

 

Wat is Pasen, dat eeuwenoude feest? Voor theosofen betekent Pasen een zeer heilige tijd, een van de vier belangrijke heilige jaargetijden. Het (Engelse) woord (voor Pasen) Easter wordt niet alleen in het Engels maar ook in andere talen gebruikt. Het werd oorspronkelijk aan het Angelsaksisch ontleend en door het Engelse volk overgenomen. In andere landen gebruikte men een woord dat via het Grieks aan het oude Hebreeuws was ontleend. Het Grieks was pascha, en het Hebreeuws pesahh, wat ‘overheen stappen’ betekent, ‘overheen springen’ en dus ‘voorbijgaan’ – uit het oude joodse bijbelverhaal dat, toen de Here God de kinderen van Israël uit de slavernij in Egypte leidde, de vernietigende engel van Jehova, de nacht voor zij hun reis begonnen, door Egypte ging om alle eerstgeborenen van de Egyptenaren te doden en de huizen van de joden over te slaan, eraan voorbij te gaan, omdat Jehova hun had gelast om een veeg bloed van een lam op de deur aan te brengen. Een vreemd oud verhaal dat, zoals het nu eenmaal gaat, door de meeste joden en christenen letterlijk werd opgevat, wat leidde tot gebrek aan eerbied zo niet tot minachting voor wat een heel mooi en heilig verhaal zou moeten zijn.
    De christenen namen het Pascha over van de joden. Hoewel de christenen dit joodse feest, dat de joden op een bepaalde datum vierden, overnamen, wilden zij niet dat het precies was als bij de joden. Al ontleenden zij heel wat aan de joden, toch wilden deze nieuwe christenen graag hun eigen manier volgen en daarom veranderden ze de datum enigszins. Ze aanvaardden het joodse Pascha-feest en namen dat over, maar gaven er een christelijk tintje aan en een christelijke wending. De joden vierden hun Pascha op de veertiende dag, of de dag van de volle maan van hun Nisan-maand, aanvankelijk ’Abib geheten, wanneer de lente over de vruchtbare aarde komt en de knoppen en de bomen beginnen uit te lopen. ’Abib en Nisan betekenden de eerste lentemaand en lente betekende het begin.
    Nu vierden de joden hun Pascha, zoals ik al zei, op de dag van volle maan in de maand Nisan, dat is 14 dagen na nieuwe maan. Dat deden de christenen ook, maar ze wilden een verschil met de dag van de joden; en misschien uit onwetendheid, misschien om andere redenen en na eeuwen durende discussies – zelfs heel verbitterde twistgesprekken in de tweede, derde en vierde eeuw – besloten ze uiteindelijk tot deze regel: Pasen, de tijd van de wederopstanding van onze Heer Jezus Christus zal voortaan vallen op de eerste zondag die volgt op de volle maan na de lentenachtevening. Zie hoe hier een archaïsche kosmische gedachte zijn intrede doet. Neem de lente-equinox, dan de eerste volle maan daarna, dan de eerste zondag na de volle maan, en dat is Pasen. Maar de oorspronkelijke joodse en ook de heidense manier was het hele Paasfeest te vieren op de dag van de volle maan in de lente – van ’Abib of Nisan.
    Pasen is niet een plaatsgebonden, of alleen een christelijk feest. Het is een feest met een kosmische betekenis, afhankelijk van de jaargetijden en voornamelijk van de datum waarop de lente-equinox valt. Daar ligt de sleutel tot het in oorsprong heilige feest. Het had totaal niets te maken met Jezus Christus. Maar om een uitstekende reden koos men het als datum van zijn zogenaamde wederopstanding. Men wist iets van wat plaatsvond in het allerheiligste van het heiligdom. Men wist iets van de vier heilige jaargetijden die, zoals de grote heidense filosoof Plato verklaarde, een kruis vormen in de natuur, de twee zonnestilstanden tegenover elkaar en de twee nachteveningen tegenover elkaar: het zogenaamde Griekse kruis; en tijdens alle inwijdingen werd de kandidaat op een kruisvormige bank of bed gelegd, een bed in de vorm van een kruis en bracht daar zijn trancetoestand door.
    Welnu, dit neerliggen, dit begin van de marteling, van de beproeving, van de toets, van de worsteling, vond bij elk van de vier heilige jaargetijden plaats op de dag van de nieuwe maan. Het begin was altijd bij nieuwe maan; en als de nieuwe maan samenviel met de nachtevening of de zonnestilstand beschouwde men dat terecht als bijzonder heilig.
    Weet u dat in het christendom passiezondag, gezien als het begin van de passie of het lijden van hun Heer Jezus, valt op de 14de dag vóór Pasen, een feit dat slechts bij weinigen bekend is en waaraan de meeste christelijke geestelijken voorbijgaan?
    Waarom heeft men Jezus, die heilige leraar, de avatara, als symbool in verband gebracht met het lam en ongetwijfeld ook met de leringen over de zodiak? Om deze reden: de christenen wilden hun leraar in elk opzicht in verband brengen met de beloofde messias van de joden. Daarin konden zij alleen slagen, zelfs met een zweem van waarheid, door de oude joodse verhalen over te nemen. De joden vierden hun Pascha met het eten van het vlees van een lam dat op de dag van hun Pasen werd gedood en in een oven werd gebraden. Gegrepen door de esoterische wijsheid maakten zij, evenals alle andere oude volkeren deden, een ritueel, een ceremonie van wat in de natuur zelf kosmische wetten en kosmische gebeurtenissen waren.


Wind van de geest, blz. 270-2

© 2001 Theosophical University Press Agency
Daal en Bergselaan 68, 2565 AG Den Haag