Karma is een wonder! Het is in zijn mogelijkheden een geschenk van
de natuur. Het bestaan ervan voor mij wordt geschapen door mijn daden,
gedachten en woorden in de dagelijkse gebeurtenissen.
Mijn karma is de oorzaak-en-gevolg energie die van mijn daden uitgaat,
en opgaat in het universele karma, maar die tegelijk altijd tot mij
terugkeert. Karma absorbeert de kwaliteit van mijn daden en is in voor-
en tegenspoed een potentiële kracht in mijn leven op mijn weg naar
de hoogste verwezenlijking van mijzelf.
Elke dag word ik, bij het doen van mijn werk, geconfronteerd met enkele
prettige kansen en enkele pijnlijke uitdagingen. Hoewel ik niet noodzakelijkerwijs
die ervaringen heb gekozen, heb ik wel de vrije wil om de reacties te
bepalen die uit mijn hart of hoofd voortkomen. Uit eerdere ervaringen
weet ik dat wat ik kies gevolgen heeft voor mij en anderen. Als ik tegen
iemand glimlach, krijg ik een lachje terug. Het doet ons beiden goed.
Als ik verkies iemand te negeren uit vrees voor een confrontatie, dan
voel ik mij niet op mijn gemak en wek in het algemeen hetzelfde gevoel
op bij de ander. Ook merk ik een verandering in de omringende atmosfeer
– een prettige of onprettige. In de twee gegeven voorbeelden is
het gemakkelijk een oorzaak-en-gevolg verband te zien. Moeilijker wordt
het wanneer ik kijk naar de gelukkige of ongelukkige dingen die mij
overkomen en waarvan ik de reden niet kan zien. Sommige mensen noemen
zulke gebeurtenissen geluk of pech hebben. Die redenering maakt mij
tot een slachtoffer van de omstandigheden en gaat ervan uit dat ik weinig
of geen macht over mijn leven heb. Die gedachte verlaagt mijn menszijn.
Om zulke verwarrende gebeurtenissen te kunnen begrijpen, moet ik terugvallen
op het begrip reïncarnatie, dat met zich meebrengt dat het gevolg
van wat ik in een vorig leven deed nu tot mij terugkeert op een moment
dat misschien gunstiger is. Sommigen zeggen misschien dat het begrip
reïncarnatie even vergezocht is als dat van geluk of pech hebben.
Ik kan het niet bewijzen, maar als ik om me heen kijk besef ik dat de
natuur nooit verkwistend is. De mogelijkheden van de mens schijnen zo
ongelofelijk talrijk, dat we niet kunnen verwachten dat hij die in de
weinige jaren van één enkel leven in vervulling kan doen
gaan. In dit licht bezien wordt reïncarnatie zinvol. Natuurlijk
moet het nu in goed vertrouwen worden aanvaard, net als de onbewijsbare
dingen in wetenschap en religie: de wetenschappelijke verklaring van
de oorsprong van het universum; de religieuze verklaring van God.
Met veel levens in het verleden en vele in de toekomst, zie ik karma
als een hulp in het zich ontvouwende proces van mijn menselijke mogelijkheden.
Als ik op een ongevoelige of onverstandige manier handel, breng ik een
karmische energie van dezelfde aard voort. Op verschillende wijzen –
misschien door pijnlijke ervaringen – keert die energie telkens
en telkens weer in dezelfde hoedanigheid naar mij terug, als dat nodig
is. Op het juiste tijdstip, dat wil zeggen als ik gereed ben deze uitdagingen
met wijsheid en gevoel tegemoet te treden, neutraliseer ik de oude negatieve
energie en maak ik de weg vrij voor positieve karmische energie die
me in de toekomst goed van dienst kan zijn. Het is alsof de energie
een soort spiraal vormt waarvan ik een deel ben. De spiraal vibreert
overeenkomstig mijn daden. Hoe meer positief karma ik voortbreng, des
te positiever is het karma voor iedereen in de omgeving, aangezien die
spiraal een deel is van het universele karma. Het lijkt aannemelijk
dat ik, door de mensheid met mijn eigen positieve karma van dienst te
zijn, de ontwikkeling van mijn hogere zelf mogelijk maak. Ik moet tijdens
al mijn ervaringen een keuze maken. Door die ervaringen kan ik mijzelf
verbeteren en een sterke kracht ten goede zijn in het heelal. Karma
is een wonder – een volhardende, wijze partner die onontwarbaar
is verweven met de essentie van mij en van het heelal.