Creatief denken
Kirby Van Mater

 

Mensen zijn niet de enige denkers; de kosmos is zelf een goddelijke denker. Zoals wij onze gedachten gebruiken om te scheppen, zo doet het universum dat ook. In het begin toen het universum zichzelf tot bestaan bracht, deed het dat door op schitterende wijze het denkvermogen te gebruiken. Elementale wezens die tot bestaan waren gebracht en waren ontwaakt, begonnen te bouwen volgens paden en plannen die door kosmische ideatie al aanwezig waren. Er zijn sindsdien vele cyclussen voorbijgegaan, en sommige van deze oorspronkelijk elementale wezens hebben nu het menselijke stadium bereikt. Nog maar enkele miljoenen jaren geleden hebben ze een kwaliteit van de geest wakker geroepen die met keuzemogelijkheden en nadenken te maken heeft. Dit zijn onze voorouders.
        Hoewel we als elementale wezens zijn begonnen, kunnen we in onszelf onze spirituele natuur geboren doen worden. Hoe? De gedachten die ons denken passeren zijn ook elementale wezens. Ze verschijnen aan ons omdat we ze aantrekken door wat we zijn en door de omstandigheden waarin we ons bevinden. Dat we ze gastvrij ontvangen is onze keuze, en ook een enorme verantwoordelijkheid. Een gedachte is een entiteit, een evoluerend wezen. Wanneer we deze door het gebruik dat we ervan maken naar beneden richten, zal die gedachte als ze ons verlaat door iemand anders worden gebruikt. Wie brengen we schade toe door wat we denken? Of wie helpen we door onze gedachten een opwaartse wending te geven? Zelfs wanneer iemand zijn hele leven alleen in een huis heeft doorgebracht, en heel weinig mensen heeft ontmoet, zou hij met zijn gedachten net zoveel mensen kunnen bereiken als iemand die naar buiten ging en rechtstreeks met vele anderen sprak. Dit komt omdat de gedachten die hij denkt niet alleen van hem zijn; ze behoren de hele mensheid toe.
        In zijn Yoga Aforismen vertelt Patañjali dat de mens zowel een ziel als een innerlijk denkorgaan heeft. Het denkvermogen denkt gedachten en reageert de hele dag op wat het hoort en voelt – de berichten van de zintuigen. Het kan zich op een fascinerende manier transformeren en kan flexibel zijn, zodat het de vorm aanneemt van alles wat eraan wordt gepresenteerd en het weerspiegelt die vorm aan de ziel. Volgens Patañjali zal ons spirituele aspect zich in het denkvermogen weerspiegelen als we ons denkvermogen tot rust kunnen brengen en volkomen kalm kunnen maken. Zijn boek is een verhandeling over hoe we dit kunnen bereiken.
        Door zo’n gedragslijn te volgen gebruikt een mens zijn vermogen om te kiezen en al de krachten die hij verkreeg toen zijn denken ontwaakte – maar we zijn meer dan alleen maar ons denken. We hebben ook begeerten, evenals het universum, dat toen dit tot bestaan kwam, daartoe door begeerte werd gedreven. Als we ernaar streven en proberen onze spirituele kant te ontvouwen, doen we dat door ons denkvermogen te beheersen met onze aspiraties en wil. Alles waarvan een mens zich een voorstelling maakt, kan hij worden. Het is net alsof het universum in het begin een visioen had van wat het zou moeten worden, en het plan werd ontvouwd. Wij kunnen datzelfde vermogen gebruiken om onszelf te scheppen, om wat we in het diepst van ons wezen zijn zelf tot vervulling te brengen.

 

Uit het tijdschrift Sunrise sept/okt 2002

© 2002 Theosophical University Press Agency