Een win-win-situatie
Auteur onbekend

 

Jaren geleden, tijdens de bijzondere Olympische Spelen in Seattle, verzamelden negen deelnemers, allen lichamelijk of verstandelijk gehandicapt, zich aan de start voor de honderd meter sprint. Bij het startschot begonnen ze allemaal, niet precies aan een sprint, maar met plezier om mee te doen aan de wedstrijd, de finish te halen en te winnen. Dat gold voor allemaal, behalve één kleine jongen, die struikelde op het asfalt, een paar keer omtuimelde en begon te huilen.

De andere acht hoorden de jongen huilen. Ze minderden snelheid en keken achterom. Toen keerden ze allemaal om en gingen terug . . . niet één uitgezonderd.

Eén meisje met het syndroom van Down bukte en kuste hem en zei, ‘Hiermee gaat het over’. Toen gaven alle negen elkaar een arm en liepen gezamenlijk naar de finish. Iedereen in het stadion ging staan en het gejuich duurde enkele minuten. Tot op de dag van vandaag vertellen mensen nog steeds uitvoerig dit verhaal.

Waarom? Omdat we in ons binnenste dít weten: In het leven zijn er dingen van groter belang dan voor onszelf te winnen. Wat in dit leven van belang is, is om anderen te helpen winnen, zelfs als het betekent dat we snelheid moeten minderen en van richting moeten veranderen. ‘Een kaars verliest niets door een andere kaars te ontsteken.’

 

 

 
Andere artikelen over lichamelijke en verstandelijke beperkingen
 

Uit het tijdschrift Sunrise maart/april 2003

© 2003 Theosophical University Press Agency