De bus rammelde eentonig verder door de koude winterochtend. De passagiers
weerspiegelden het aanhoudende gegons van het verkeer, en zaten opgesloten
in het geraas van hun eigen dagelijkse gedachten, alsof hun medepassagiers
mijlen ver waren. Hier een jonge zakenman die laat was om op kantoor
te komen, en die zijn volgende stap op de ladder van succes zat te beramen;
naast hem een gepensioneerde die vroeg op weg was naar de ochtendmarkt,
zijn gedachten werden in beslag genomen door de glorie van vervlogen
tijden; bij de deur een groep secretaresses die opgewonden over hun
laatste romantische veroveringen praatten, verloren in de dromen van
de toekomst.
Bij het busstation stapte een nieuwe conducteur in en begon aan zijn
werk in deze miniatuurwereld. Aan zijn gezicht was af te lezen dat hij
veel van de wereld had gezien, en zijn ogen gaven blijk van moeilijke
ervaringen in andere landen voordat hij hier was gekomen. Onmiddellijk
begon hij aan zijn oninteressante werk van het incasseren van de ritprijs
uit handen die zich automatisch vanachter kranten uitstrekten, terwijl
ingehouden stemmen hun bestemmingen mompelden. Als een rivier van licht
bewoog de conducteur zich tussen deze duistere eilanden van privégedachten,
terwijl hij een grap vertelde aan de jonge zakenman, de gepensioneerde
warm begroette op deze koude dag, en een paar amusante levensadviezen
gaf aan de secretaresses die daar verlegen om moesten lachen.
Snel daarna was de hele bus gevuld met lachende gezichten die al grappen
makend probeerden te voorspellen wat de conducteur bij de volgende passagier
op zijn ronde zou zeggen of doen om de eentonigheid te doorbreken. Het
lachen en gegiechel veroorzaakt door de grappen van de conducteur werd
door de passagiers overgebracht op de wereld van de gehaaste forenzen
die rond de bus stroomden. Ring! Ring! En weg was de bus met zijn boodschapper
vol humor om andere passagiers op te beuren die het goede geluk hadden
om zijn bus te nemen.
In deze tijd van het jaar worden we overstelpt met boodschappen van
vrede en welwillendheid in iedere etalage en in elk tv-spotje, maar
hoe vaak staan we stil bij onze mogelijkheden om deze grote idealen
van dit aloude Heilige Jaargetijde in het dagelijks leven tot uitdrukking
te brengen? Evenals de busconducteur die probeerde om wat vrolijkheid
in het leven van zijn passagiers te brengen, hebben we allemaal de gelegenheid
om de talloze illusies veroorzaakt door egoïsme te overwinnen,
en bij te dragen aan de krachten van het licht die in de wereld actief
zijn. Als we ons van deze gelegenheden bewust willen zijn, dan moeten
we onze houding voortdurend bijstellen, zodat we de positieve aspecten
van de uitdagingen kunnen zien die het leven ons biedt.
Die verheven individuen die de geestelijke inwijdingen van het wintersolstitium
ondergaan, hebben hun geschiktheid voor deze grote beproevingen bereikt
gedurende eonen van altruïstische dienstbaarheid, en iedereen kan
het pad dat door de geest van Kerstmis wordt benadrukt betreden indien
zijn of haar wil, toewijding, en verlangens erop gericht zijn om anderen
meer van dienst te zijn. Het pad van spirituele verworvenheden voor
het doel van universele broederschap ligt niet ver weg achter de bergen
van de toekomst; het ligt hier en nu in de keuzes die we iedere dag
maken. Zelfs als onze positie in het leven als ondergeschikt kan worden
beschouwd, hebben we evenals de busconducteur een passend werkterrein
waarop we onzelfzuchtige gewoonten kunnen ontwikkelen die op een dag
zullen leiden tot grotere kansen om de mensheid van dienst te zijn.