Wees als de vogel
Gertrude W. Hockinson

 

Wees als de vogel die na zijn vlucht
op een twijgje neerstrijkt hoog in de lucht
Hij voelt wel dat het te zwak is en beeft,
Maar zingt toch omdat hij vleugels heeft.
– Victor Hugo


De mens groeit doordat de ziel zich op creatieve wijze tot uitdrukking brengt, en er is te veel dat nog niet tot uitdrukking is gebracht om te geloven dat deze zielen in één enkel leven zijn gevormd, door alleen deze ene ervaringsperiode. De ziel komt vollediger tot geboorte als de mens bereid is een grotere verantwoordelijkheid op zich te nemen voor zijn aandeel in de mensheid en de wereld waarin hij leeft. Dagelijks doen zich nieuwe kansen voor om het patroon te herkennen dat de mensheid bezig is uit te werken in deze wereld en waarvoor wij onze scheppende vermogens kunnen inzetten. Als de pogingen om dat te bereiken succes hebben, wordt het resultaat toegevoegd aan de karakterschatten van de ziel, om te worden gebruikt wanneer de volgende wending in de spiraal van het bestaan ons weer naar deze sferen voert.

Als jonge vogels sterk genoeg zijn, duwt de moedervogel ze uit het nest om hun vleugels te beproeven. Het ‘nest’ van onze vereenzelviging met deze ene levensperiode vormt een bescherming die we nauwelijks durven opgeven. Maar zoals het vogeltje zijn vleugels ontdekt – en zijn triomf uitjubelt voor allen die dat willen horen – zo kunnen wij vertrouwen op de ‘vleugels’ van de ziel die weet dat haar leven geen grenzen kent.

Meer dan we beseffen, kunnen we vertrouwen op onszelf, op de waarden die we dagelijks met elkaar delen – dat we veilig zijn, dat onze vriendschap blijvend is en dat ons leven eeuwig is.

 

Uit het tijdschrift Sunrise mrt/apr 2004

© 2004 Theosophical University Press Agency