Wat is een theosoof? Ik zou zeggen iemand die actief ernaar streeft
om te leven volgens de idealen van de theosofie en de doelstellingen
van het Theosofisch Genootschap, die, naast andere zaken, respect voor
de broederschap van de mensheid en een gevoel voor altruïsme inhouden.
Het bedrijfsleven betreft het proces van het bevredigen van onze materiële
verlangens en behoeften door middel van marktwerking. Evenals de theosofie
heeft ook het bedrijfsleven haar ideologie. In het ergste geval worden
deze gedreven door het maximaliseren van het eigenbelang, meestal door
minimale lasten voor zichzelf en maximale lasten voor anderen en het
milieu. In het beste geval volgen bedrijven de wet en minimaliseren
de sociale lasten van hun activiteiten voorzover ze daartoe verplicht
zijn, terwijl ze in het belang van hun aandeelhouders handelen. Hoe
kunnen zij die in het zakenleven actief zijn volgens altruïstische
principes leven, terwijl er van hen wordt verwacht een zo egoïstisch
mogelijk programma te volgen? Hoe komen we tot een oplossing voor deze
schijnbaar tegengestelde doeleinden?
Zaken worden gedaan op de markt, een smeltkroes van allerlei soorten
mensen – dit is de eeuwige fascinatie ervan. Omdat ze zo breed
en gevarieerd is in haar samenstelling, is er plek voor iedereen. We
zien snel genoeg dat mensen en groepen verschillende graden van spiritualiteit
bezitten. Zo kunnen bijvoorbeeld liefdadigheidsorganisaties aan de ene
kant van het spectrum zitten en criminele organisaties aan de andere.
Binnen bepaalde grenzen van tolerantie kan er een wisselwerking zijn
tussen deze groepen. In het middengebied, waar de meesten van ons handelen,
zijn genoeg mogelijkheden om spiritueel verenigbare betrekkingen te
onderhouden die voor alle partijen werken. Onderlinge aantrekking vindt
plaats door trillingen van aantrekking of afstoting. We stralen uit
wat we zijn, vaak zonder dat we ons dat realiseren, en er ontstaat harmonie
tussen onszelf en anderen die dezelfde golflengte hebben. Wanneer we
onszelf trouw blijven, zullen we in ons leven mensen en situaties aantrekken
die overeenstemmen met onze theosofische principes. We kunnen ons leven
dan opbouwen rond deze mensen en de mogelijkheden die ze bieden op een
voor ieder gunstige manier. Met deze visie op het leven beginnen we
het bedrijfsleven te zien als een spiritueel systeem in plaats van slechts
als een mechanisme om schaarse middelen aan concurrerende behoeften
toe te wijzen.
Als we de wereld vanuit het gezichtspunt van spiritueel bewustzijn beschouwen,
in plaats van haar in puur materiële termen te bekijken, is het
mogelijk om prettig en succesvol een zaak te leiden op basis van theosofische
beginselen. Wat zijn enkele van die beginselen die in het bedrijfsleven
voor mij hebben gewerkt? Het eerste dat ik bruikbaar vind is karma,
dat ons vertelt dat voor elke gedachte die we denken en voor elke handeling
die we doen, er een corresponderende reactie zal zijn, of deze nu goed
is of slecht. Als we karma begrijpen, worden we eraan herinnerd dat
de ervaringen die we in ons leven aantrekken door onze voorafgaande
en huidige ervaringen zijn veroorzaakt. We kunnen alleen onszelf dankbaar
zijn voor geluk, en de schuld geven voor ongeluk; we kunnen de uiterlijke
omstandigheden niet de schuld geven voor wat ons overkomt. Natuurlijk
speelt wilskracht ook een rol bij gebeurtenissen. Soms kunnen we dingen
veranderen, vooral als we naar harmonie zoeken. Op andere momenten zijn
we machteloos om negatieve gevolgen tegen te houden. Karma verzekert
ons echter ervan dat van niemand wordt verlangd een last te dragen die
hij niet aankan. Het leven kan benauwd of oncomfortabel zijn in tijden
van moeilijkheden, maar ik heb ontdekt dat de lessen noodzakelijk, eerlijk
toebedeeld en uiteindelijk nuttig zijn.
Het begrijpen van karma heeft ook geleid tot het beseffen van het belang
van mijn gedachten bij het bepalen van de kwaliteit van mijn leven en
van de levens van de mensen met wie ik omga. Mijn prioriteiten en mijn
beslissingen, en mijn gevoeligheid voor hun effect hebben een weerslag
op anderen. Ik heb respect gekregen voor de manier waarop deze weerslag
een vorm aanneemt, die niet altijd meteen duidelijk is, en heb me daardoor
nauw kunnen afstemmen op de karmische signalen. Ik heb ook een gezond
respect voor de kracht van karma ontwikkeld. Bij het opbouwen van mijn
zaak werd goed verricht werk vaak beloond door persoonlijke aanbevelingen
en steun. In tegenstelling daarmee heb ik de zeer destructieve werking
gezien die egoïsme en conflicten kunnen hebben op de bestendigheid
en waarde van zakenrelaties.
Toen ik jonger was schreef ik waardevolle gebeurtenissen of willekeurige
resultaten altijd toe aan toeval, of op zijn best aan de wil van anderen.
Nu ben ik daar niet meer zo zeker van. Op verschillende momenten tijdens
mijn carrière werd ik geconfronteerd met schijnbaar onmogelijke
situaties; ik had het gevoel dat de dingen buiten mijn controle lagen
en zag geen uitweg meer; bij weer andere gelegenheden was ik niet in
staat om tegenstrijdige en belangrijke verzoeken in te willigen. Ik
heb geleerd om, geconfronteerd met dit soort situaties, alles te doen
wat ik kan, en dan te wachten hoe de situatie zich ontvouwt. Dit ontvouwen
vond altijd plaats door veranderingen in de interpersoonlijke relaties
die de problemen veroorzaakten. Een schijnbaar onbedwingbare kracht
bezwijkt plotseling, er worden kansen geboden die eerder niet werden
gezien, of er doet zich een aantal omstandigheden voor die niet waren
te voorzien en een oplossing bieden. Ik heb geleerd om vast te houden
aan het licht, mee te gaan met de stroom, en de uitkomsten te respecteren.
Een ander zinvol beginsel, nauw verbonden met karma, is reïncarnatie.
Het begrijpen van deze twee denkbeelden is voor mij van enorme waarde
geweest om tot een houding van eerlijkheid en toewijding te komen tegenover
de mensen met wie ik werk. Reïncarnatie heeft mij geholpen om toleranter
te zijn voor de visies van anderen, geduldiger in de omgang met mensen,
en beter in staat te zijn om de concurrerende eisen en overwegingen
van de korte- en langetermijn in evenwicht te brengen. Het moedigt me
aan om een langetermijnvisie te hebben van mijn rol in het bedrijf,
in plaats van de traditionele op resultaten gerichte kortetermijnvisie,
die in de managementopleidingen van tegenwoordig en in de wandelgangen
van de grote ondernemingen zo krachtig wordt gestimuleerd. Bij het zoeken
naar het onderscheid tussen het eeuwige en het kortstondige, ben ik
me ervan bewust dat ik altijd moet proberen om op harmonische wijze
te handelen in de omgang met mensen, in plaats van ze te beïnvloeden
voor direct voordeel. Er is genoeg tijd om alles af te handelen. We
moeten inderdaad alles afhandelen – we worden niet beperkt door
de grenzen van één enkel leven. Ik kan niet aan de gevolgen
van wat ik doe ontkomen door de dingen eenvoudig uit te stellen en ze
achter me te laten als ik sterf. Ze gaan niet weg, en komen gegarandeerd
bij me terug in dit of een volgend leven. Als ik weet dat ik aan de
gevolgen van mijn beslissingen niet kan ontkomen, helpt dit me om de
meest evenwichtige beslissingen te nemen die mogelijk zijn. Ik heb vaak
ontdekt dat de spiritueel evenwichtigste beslissing de beste is, zelfs
wanneer ze op dat moment de moeilijkste is. Ze leidt vaak tot een hele
reeks voordelen die niet waren te voorzien toen die moeilijke beslissing
werd genomen.
Een ander nuttig beginsel is dat van de twee paden, van zelfzucht en
van mededogen. Een leven in het bedrijfsleven brengt ons iedere dag
in aanraking met mensen: hun vreugden, hun verdriet, en hun eisen aan
elkaar. Het geeft ons ruim de gelegenheid om in onszelf de kwaliteiten
die nodig zijn voor spirituele groei te ontwikkelen. We leren met angst
en onzekerheid om te gaan, en zelfvertrouwen en begrip te ontwikkelen.
We worden onophoudelijk geconfronteerd met de verleiding om voor onszelf
te handelen, en met de plicht om in het belang van iedereen te werken.
Alle beslissingen die we nemen, en dat zijn er vele, helpen ons om de
kwaliteit van het karakter te vormen, die we nodig zullen hebben om
goed berekend te zijn op onze geestelijke ontwikkeling. Zoals de twijg
wordt gebogen, zo zal de boom groeien. Als we de keuze tussen altruïsme
en egoïsme goed begrijpen en deze kennis in ons dagelijks leven
toepassen, helpen we onszelf om, als het moment daarvoor aanbreekt,
het pad van licht te verkiezen boven dat van duisternis.
Hoewel ik niet bewust voor een carrière in zaken heb gekozen,
heb ik het grootste deel van mijn leven in de drukte van en rond een
klein bedrijf doorgebracht. Nu ik ouder word, en meer nadenk over de
ervaringen van het leven, ga ik beseffen dat het leven in de zakenwereld
mij veel mogelijkheden heeft gegeven om uitgebreid met andere mensen
om te gaan en van die ervaringen te leren. Daardoor ben ik in staat
geweest mijn begrip van de theosofische beginselen toe te passen, deze
te toetsen, mijn geloof erin te verbeteren, en ze met anderen te delen.