![]() | ![]() |
![]() |
| Kansen in het kaliyuga
We leven in een interessante tijd, een tijd
waarin geschiedenis wordt gemaakt. Ik geloof niet dat er volgens de nu
beschikbare historische gegevens ooit een tijdperk is geweest waarin ernstige
onderzoekers van de oude wijsheid, die wij theosofie noemen, kansen hadden
zoals wij nu hebben. Het zijn juist de spanningen en de druk die
ons hart openen en de sluiers om ons denken wegnemen. Hetzelfde slaat,
zoals onze meesters ons hebben gezegd, op kaliyuga, de ijzeren eeuw; een
hard en streng tijdperk waarin alles intens en intensief beweegt en alles
moeilijk gaat; maar ook juist de tijd waarin geestelijke en intellectuele
vorderingen het snelst kunnen worden gemaakt. Er zijn in het verleden
werkelijk tijden geweest waarin chela’s of leerlingen wensten dat de omstandigheden
moeilijker waren om hun de kans te geven sneller vooruit te komen.
In de Gouden Eeuw, een prachtige tijd om van te dromen,
in de zogenaamde eeuw van Saturnus, een tijd van menselijke onschuld,
liep alles soepel en mooi en werkte heel het omringende bestaan mee om
alles mooi en aangenaam te maken, en er is iets in ons hart dat vurig
verlangt daarnaar terug te keren, maar dat is niet waar een chela naar
verlangt. Hij verlangt naar kansen; hij wil klimmen; hij wil toetsen wat
in hem is, van binnenuit groeien.
Is het geen vreemde paradox dat juist in het hardste en
wreedste van alle yuga’s het snelst vooruitgang kan worden geboekt? Ik
denk dat die gedachte een wereld van wijsheid bevat en ik spreek er hier
over omdat ik nog maar enkele dagen geleden een heel aandoenlijke brief
ontving van een van de ‘onzen’ die wilde weten of er niet iets goeds in
kaliyuga zit, of dat de mensheid zonder hoop ten onder moet gaan. Het
is juist de tijd waarin gelegenheden tot vooruitgang zich het meest voordoen!
Het is een tijd van kansen.
Aspecten van de Occulte Filosofie, blz. 77 ©
1999 Theosophical
University Press Agency |