Chakra. (Sanskriet). Een woord waarvan de algemene betekenis 'wiel' is. Van deze oorspronkelijke eenvoudige betekenis zijn voor occulte en esoterische doeleinden een groot aantal secundaire, zeer belangwekkende en in sommige gevallen hoogst mystieke en diepzinnige begrippen afgeleid. Chakra betekent ook een cyclus, een bepaalde tijdsperiode waarin het wiel van de tijd eenmaal rondwentelt. Het betekent tevens 'horizon' omdat deze de vorm van een cirkel of wiel heeft. Eveneens worden er bepaalde centra of prâ.nische sferische plaatsen van het lichaam mee aangeduid, waarvan men aanneemt dat er stromen prâ.nische energie van verschillende hoedanigheid, of prâ.nische energieën van velerlei soort samenkomen. Deze fysiologische chakra's, die wezenlijk zijn verbonden met de prâ.nische circulaties en knooppunten van het aurisch ei en daarom in het stoffelijk lichaam door middel van het linga-s´arîra of astrale modellichaam werken, bevinden zich in verschillende delen van het stoffelijk lichaam, en strekken zich uit van het gedeelte rond de kruin tot de streek van het schaambeen. Met het oog op de hoogste belangen van de mensheid zou het hoogst onbetamelijk zijn de occulte of esoterische leringen te verstrekken over de exacte plaatsen en functies van de fysiologische chakra's in het menselijk lichaam en de middelen om deze te beheersen; want men kan er zeker van zijn dat, indien deze mystieke kennis op ruime schaal werd verspreid, er ernstig misbruik van zou worden gemaakt, wat in vele gevallen niet alleen tot de dood of krankzinnigheid, maar ook tot een aantasting van elk moreel instinct zou leiden. Alleen hoge ingewijden, die in feite zijn uitgestegen boven de behoefte gebruik te maken van de fysiologische chakra's, kunnen deze naar willekeur en voor verheven doeleinden gebruiken - iets wat ze zelden of nooit doen.

         Chaos. Chaos is een Grieks woord dat gewoonlijk wordt geacht te slaan op een soort ongeordende schatkamer van oorspronkelijke beginselen en zaden van wezens. In een bepaalde diepe betekenis is dit inderdaad het geval; maar er is zeer beslist en nadrukkelijk geen sprake van 'ongeordendheid'. Het is eigenlijk de kosmische opslagplaats van alle latente of rustende zaden van wezens en dingen uit vroegere manvantara's. En natuurlijk is dat zo, eenvoudig omdat het alles in zich sluit. Chaos betekent ruimte, niet de hoogste mystieke of werkelijke ruimte, niet het Parabrahma-Mûlaprakriti, het Grenzeloze - dat niet. Maar de ruimte van een bepaalde hiërarchie die zich gaat manifesteren; dat wat voor haar in die bepaalde periode aan het begin van haar ontwikkeling ruimte is. De leidende beginselen in de Chaos zijn de goden wanneer deze uit hun pralayische slaap ontwaken. In zekere zin kan men Chaos volkomen terecht de toestand noemen van de ruimte van een zonnestelsel of zelfs van een planeetketen tijdens hun pralaya (zie aldaar). Als de planetaire activiteit begint, verdwijnt de chaos, pari passu.

         Chela. Een oude Indische term. In archaïsche tijden veelal gespeld en uitgesproken als Che.ta of Che.da. De betekenis ervan is 'dienaar', een persoonlijke leerling die zich heeft verbonden een leraar te dienen van wie hij onderricht ontvangt. Vrijwel dezelfde gedachte treft men aan in het Angelsaksische woord leorning-cneht, dat 'leerknecht' betekent, een naam die in de Angelsaksiche vertalingen van het christelijke Nieuwe Testament werd gegeven aan de discipelen van Jezus, zijn 'Chela's'. Het is dus een woord dat in oude mystieke geschriften wordt gebruikt voor een discipel, een leerling, voor iemand die leert of luistert. De verhouding tussen leraar en discipel is zelfs oneindig veel heiliger dan die tussen ouder en kind; want terwijl de ouders het lichaam verschaffen aan de intredende ziel, brengt de leraar die ziel zelf te voorschijn en leert haar te zijn en dus te zien, leert haar te kennen en te worden wat ze in het diepst van haar wezen is - namelijk goddelijk.
         Het leven van de Chela of het chela-pad is heerlijk en vol vreugde tot het einde, maar het vereist ook dat alles wat nobel en verheven is in de leerling of discipel in hem opgeroepen wordt; want om die hoogten van intellectuele en geestelijke grootheid waarop de Meesters zelf zich bevinden, te bereiken en te handhaven, moeten de krachten en vermogens van het hoger Zelf tot werkzaamheid worden gebracht. Meesterschap is dan ook het doel van discipelschap; niet dat we ons dat ideaal alleen voor ogen moeten stellen als een doel dat we willen bereiken omdat het onszelf voordeel oplevert; want die gedachte alleen al is zelfzuchtig en vormt daarom een struikelblok op het Pad. Natuurlijk komt het het individu ten goede; maar de werkelijke bedoeling is dat alles, ieder vermogen in de ziel, tot uitdrukking zal worden gebracht ten dienste van de gehele mensheid; want dat is de koninklijke weg, de grote koninklijke heerbaan van zelfoverwinning. De meer mystieke betekenissen die aan de term Chela worden gehecht, kunnen alleen aan diegenen worden verklaard die zich door een gelofte onherroepelijk tot het esoterisch leven hebben verbonden.

         Chhâyâ. (Sanskriet). Dit betekent letterlijk 'een schim', simulacrum, of 'kopie'. In de Esoterische Wijsbegeerte duidt het woord op het astrale evenbeeld van een persoon, en aan die gedachte zijn enkele van de meest ingewikkelde en diepzinnige leringen omtrent de menselijke evolutie verbonden. De Geheime Leer van H. P. Blavatsky bevat vele onschatbare aanwijzingen over de rol die de Chhâyâ's van de Pit.ri's in de ontwikkeling van de mens spelen.
         Het is ook een woord dat in dezelfde betekenis voor kosmische zaken wordt gebruikt, want de bestudeerder van de esoterische leer mag nooit het oude Hermetische axioma vergeten: 'Zoals het boven is, zo is het beneden; zoals het beneden is, zo is het boven.'
         Kortom, men zou de Chhâyâ dus, voor zover het de menselijke evolutie betreft, het astrale lichaam (zie aldaar) of evenbeeld kunnen noemen.

         Chit. (Zie SAT).

         Christos. Christos of 'Christus' is een Grieks woord dat letterlijk betekent iemand die is 'gezalfd'. Dit is een directe verwijzing naar en een directe zinspeling op wat tijdens de viering van de oude mysteriën plaatsvond. In de landen rond de Middellandse Zee was de zalving een van de handelingen die gedurende het voltrekken van de riten van deze oude mysteriën werden verricht. Het Hebreeuwse woord voor een gezalfde is Mâshîahh-'Messias' is de gebruikelijke foutieve spelling van dit Hebreeuwse woord - en betekent precies hetzelfde als het Griekse woord 'Christos'.
         Ieder mens is een incarnatie, een belichaming, van een straal van zijn eigen innerlijke god - de godheid die in het diepste binnenste van ieder mens leeft. Moderne Christenen met een mystieke instelling noemen dit de immanente Christus, de inwonende Christos, en zover hebben ze gelijk, maar ze voeren deze gedachte niet ver genoeg door. Mystiek gesproken is de Christos de onsterfelijke Individualiteit; en wanneer de omhoogstrevende persoonlijke ego blijvend verenigd wordt met deze onbesmette Individualiteit, vloeit uit dit één zijn de hogere ego voort, 'de levende Christus'-een Christus onder de mensen of, zoals de Boeddhisten zouden zeggen, een menselijke of Mânushya-Boeddha.

         Circulaties van de Kosmos. (Ook Circulaties van het heelal). Dit is een uitdrukking die in de Oude Wijsheid of Esoterische Wijsbegeerte wordt gebruikt voor het ongelooflijk ingewikkelde netwerk dat bestaat uit kanalen, paden of wegen die door de reizende en trekkende entiteiten worden gevolgd op hun tocht van sfeer naar sfeer, van rijk naar rijk, of van gebied naar gebied. Hoe ver of hoe weinig deze pelgrim-monaden in hun evolutie ook zijn gevorderd, het volgen van deze Circulaties is voor hen onvermijdelijk en onontkoombaar. Ze kunnen niet anders, want het zijn eenvoudig de geestelijke, psycho-magnetische, astrale en stoffelijke wegen waarlangs de krachten van het heelal stromen; en bijgevolg moeten alle entiteiten, daar ze in feite belichamingen van krachten zijn, noodzakelijkerwijs dezelfde routes of paden volgen die de abstracte krachten zelf gebruiken.
         Deze Circulaties van de Kosmos vormen een waar netwerk tussen planeet en planeet, tussen planeet en zon, tussen zon en zon, tussen zon en heelal en tussen heelal en heelal. Bovendien zijn de Circulaties van de Kosmos niet beperkt tot de stoffelijke of astrale sferen, maar zij maken deel uit van het weefsel en de structuur van de gehele universele kosmos, innerlijk zowel als uiterlijk. Het is een van de meest mystieke en veelbetekende leringen van de theosofie.

         Clairaudience. (Zie Helderhorendheid).

         Clairvoyance. (Zie Helderziendheid).

         Cyclussen. (De Wet van de Cyclussen). De tak van theosofische studie die wij de Wet van de Cyclussen of van de zich herhalende werkingen van de natuur zouden kunnen noemen, is bijzonder interessant en betreft een feit dat zo duidelijk in de ons omringende wereld aan de dag treedt, dat het bestaan ervan nauwelijks kan worden ontkend, behalve door hen die opzettelijk blind zijn.
         We zien dat de natuur zich overal herhaalt, hoewel een dergelijke herhaling natuurlijk niet betekent dat bij iedere terugkerende cyclische activiteit dezelfde oude sporen worden gevolgd; want iedere herhaling is natuurlijk de uitdrukking van een min of meer Ingrijpende wijziging van wat eraan voorafging. De dag volgt op de nacht, de winter komt na de zomer, de planeten draaien om de zonnen in regelmatige en periodieke banen; dit zijn vertrouwde voorbeelden van cyclische activiteit.
         De Cyclussen in de natuur geven de tijdsperioden van periodieke terugkeer te zien waarin een evoluerend wezen of ding de energieën en vermogens waaruit hij bestaat tot uitdrukking brengt, zodat Cyclussen en evolutie als de twee zijden van een munt zijn: de ene zijde toont de tijdsperioden of Cyclussen, de andere geeft uitdrukking aan de energetische of substantiële hoedanigheden die in overeenstemming met deze cyclische tijdsperioden tot manifestatie overgaan; maar aan dit schijnbaar dubbele, maar in werkelijkheid enkelvoudige proces, liggen steeds diepgaande karmische oorzaken ten grondslag.


    Occulte Woordentolk , blz. 32-6

    © 1981  Theosophical University Press Agency
    Daal en Bergselaan 68, 2565 AG Den Haag