Neem niets aan op gezag!
Zijn er ook leringen in het boeddhisme die we op basis van geloof moeten aannemen?
Nee. Ons wordt sterk aangeraden helemaal niets aan te nemen op basis van geloof; of het nu in boeken geschreven staat, door onze voorouders is overgeleverd of door de wijzen is onderwezen. . . .
Onze Heer Boeddha heeft gezegd dat we iets wat wordt gezegd niet moeten geloven enkel omdat het wordt gezegd; overleveringen niet moeten geloven omdat ze uit de oudheid tot ons zijn gekomen; noch geruchten als zodanig; noch geschriften van wijzen omdat wijzen ze schreven; noch denkbeelden waarvan we denken dat een deva ze ons heeft ingegeven (dat wil zeggen tijdens veronderstelde spirituele inspiratie); noch conclusies die voortvloeien uit een of andere veronderstelling die we misschien hebben gemaakt; noch iets wat op basis van analogie noodzakelijk lijkt; noch iets op gezag van onze leraren of meesters. . . .
Maar we moeten iets geloven wanneer het geschrift, de leer, of het gesproken woord door onze eigen rede en bewustzijn wordt bevestigd. ‘Daarom’, zegt hij tot slot, ‘leerde ik jullie om niet iets te geloven enkel omdat jullie het hebben gehoord, maar om, als jullie er innerlijk van overtuigd zijn, dienovereenkomstig en vol overgave te handelen.’* . . .
*Zie de Kalama Sutta van de Anguttaranikaya.
Hij zegt dat hij en de andere boeddha’s slechts ‘predikers’ van de waarheid zijn, die ons de weg wijzen. Wij moeten zelf het werk doen.
– H.S. Olcott, De boeddhistische catechismus, 2003, vers 192-5, blz. 61-2